Bijdrage Ouwehand aan AO Dieren in de veehou­derij


11 september 2019

We spreken vandaag over de voortgang van de plannen die minister Schouten heeft voor het welzijn van dieren die worden gefokt, gebruikt en gedood in de Nederlandse veehouderij. Dat is me nogal een verantwoordelijkheid, want het zijn er zo'n 650 miljoen per jaar. Het zijn individuen, levende wezens met bewustzijn en gevoel. We hebben ook in de wet vastgelegd dat hun intrinsieke waarde moet worden erkend.

Het belangrijkste voorstel, dat vandaag eigenlijk niet geagendeerd is, maar tot grote vreugde van de Partij voor de Dieren gisteren of maandag wel naar buiten kwam, was dat van D66. Zij stelden dat het aantal dieren dat we op deze manier fokken, gebruiken en doden in de veehouderij in Nederland gewoon moet halveren. Dat voorstel is niet nieuw; eerder was D66 daar ook voor. Maar nu is D66 regeringspartner. We zijn dus heel blij dat een coalitiepartij dit nu eindelijk op tafel legt.

De minister reageerde wel heel teleurstellend. Ze zei: nou, dat gaat wel heel snel. Dat dacht ik niet. De commissie-Wijffels zei in 2001 al dat de intensieve veehouderij in Nederland op deze manier geen toekomst heeft en dat economisering en schaalvergroting hebben geleid tot amorele verschijnselen. Dus hoezo gaat het snel als de dieren al zo veel jaar hebben moeten wachten? En welke verantwoordelijkheid neemt zij eigenlijk voor de belofte die de politiek heeft gedaan? Ik heb haar daar eerder naar gevraagd. Het rapport van de commissie-Wijffels was snoeihard en heel duidelijk. Het tweede paarse kabinet zei in 2002 — let even op: dat is zeventien jaar geleden — "Uiterlijk in 2022 gaat het helemaal anders in de veehouderij. Dan is het gedrag van dieren leidend en is er een einde gekomen aan die ingrepen. Dan is het perspectief van het dier leidend en is het houderijsysteem aangepast aan de dieren in plaats van andersom." Ze hadden eigenlijk een deadline van tien jaar, maar ze dachten: misschien is dat wat onredelijk en gaat dat wat snel voor de boeren, dus we streven naar 2012, maar uiterlijk in 2022 moet het anders gaan. Dat werd later nog eens bevestigd door minister Verburg van het CDA. Ik herinner u eraan dat dat niet de meest vooruitstrevende dierenrechtenvoorvechter van de hele wereld was, maar zij zei toch ook: uiterlijk in 2022 zijn het gedrag en de natuurlijke behoeften van het dier leidend, en zijn we af van ingrepen.

Deze minister heeft niet eens een eigen visie daarop gepresenteerd. Toen ik haar vroeg of we die deadline gaan halen, zei ze: nee, ik kom met mijn eigen plannen; ik heb een kringloopnota. De dieren worden doodgezwegen in de kringloopnota. Ik weet al wel een beetje waarmee zij haar antwoord gaat beginnen, namelijk dat het heel vervelend is voor de boeren dat er zo veel maatschappelijk verzet is en dat ze het vervelend vindt dat boeren zich in de hoek gedrukt voelen. Mijn vraag aan de minister is dus: denkt u nou dat er meer of minder maatschappelijk verzet komt als de politiek de dieren wel beloftes doet, maar ze gewoon niet nakomt, en die beloftes gewoon opzijschuift als de deadline nadert? Zou dat nou zorgen voor acceptatie van de veehouderij of tot groter verzet?

Voorzitter. Dan wat de minister wel doet. In de brief zegt ze: ik heb drie speerpunten, namelijk transport, stalbranden en zorg voor het jonge dier. Over dat eufemisme "zorg voor het jonge dier" zal ik later nog meer zeggen; die woordkeuze alleen al. Ook de discussie over stalbranden loopt al jaren en de cijfers liegen er niet om. Het gaat niet goed. De minister zegt: we gaan kijken hoe we de stalbranden nóg verder terug kunnen dringen. Hoezo "nóg verder terug"? Het aantal branden neemt toe en het aantal slachtoffers neemt toe. Over de maatregelen die ons gewoon zijn aangereikt, waarvan we kunnen vaststellen dat ze dierenslachtoffers gaan schelen, zegt de minister: ik vind het niet proportioneel om ze te nemen; we kunnen daarmee wel dierenlevens redden, maar ik vind het niet proportioneel. Dit terwijl de Kamer moties heeft aangenomen om de aanpak van stalbranden te intensiveren. Waar blijft de actie van de minister? En klopt het dat de brandweer waarschuwt dat de plannen om de veehouderij een duurzamer karakter te geven door zonnepanelen op de daken te leggen ertoe leiden dat er niet geblust kan worden, omdat die zonnepanelen in sommige gevallen niet uit kunnen, waardoor het gevaar van kortsluiting ontstaat en de problemen alleen maar groter worden?

De minister zegt ook dat ze het transport van levende dieren wil beperken. Dat is hartstikke mooi, maar waarom sluit ze dan met China de deal dat het meer kalfsvlees gaat afnemen uit Nederland, terwijl we weten dat daarvoor kalfjes helemaal uit Ierland op transport naar Nederland worden gezet? Dat zijn transporten van 50 uur. En waarom zegt de minister ... Er is een interruptie, zie ik.

De heer Geurts(CDA):
Ik heb een poosje zitten wachten. Ik dacht: op welke van de feitelijke onjuistheden zou ik nou eens inhaken? Maar hier hebben we een hele mooie te pakken. Als mevrouw Ouwehand zich eens goed verdiept in het dossier, ziet ze dat de Chinese overheid alleen maar kalveren wil afnemen die hier geboren, opgegroeid en verwerkt zijn. Het verhaal dat ze vanuit het buitenland, vanuit Ierland, via Nederland naar China gaan, is dus klinkklare onzin. Kan mevrouw Ouwehand daar eens even op reageren?

Mevrouw Ouwehand(PvdD):
De Nederlandse kalversector is de grootste kalvermesterij van Europa. Daar zijn ze trots op. Ze winden er ook geen doekjes om dat zo'n sector alleen maar kan bestaan bij een volume, een schaalgrootte. Om de productie op gang te houden, komen er dus kalfjes uit Litouwen, Estland en Ierland. De heer Geurts weet heel goed dat die transporten 50 uur duren en dat die kalfjes worden geïmporteerd via andere Europese landen, want je bent niet zomaar in Ierland. Ze gaan bijvoorbeeld via Frankrijk, waar die dieren gewoon in elkaar worden geslagen op de verzamelplaats. En niemand trekt zijn mond daarover open. Het gebeurt gewoon, op een door de EU goedgekeurde verzamelplaats, en Nederland verdient daaraan.

De heer Geurts(CDA):
Er komt een heel lang antwoord terug, maar geen antwoord op mijn vraag. Mevrouw Ouwehand beweert hier dat kalfsvlees van oorsprong uit Ierland komt en via Nederland naar China gaat. Dat is niet waar. De Chinese eisen zeggen dat het kalf hier geboren, opgegroeid en verwerkt moet zijn. Mevrouw Ouwehand kan dit verhaal dus niet hooghouden en niet drooghouden. Voor de rest is mevrouw Ouwehand ngo's aan het napraten. Ik zou de bronnen die u gebruikt eens beter controleren, want het is feitelijk onjuist wat u hier zegt.

Mevrouw Ouwehand(PvdD):
De heer Geurts wil altijd het verhaal van de kalversector vertellen, behalve als het hem niet goed uitkomt. Ik probeer duidelijk te maken dat die sector er zelf prat op gaat dat ze de grootste kalvermester van Europa zijn, juist omdat je dat alleen maar met een volume op stand kan houden. Maar ik wil het ook heel graag over de Nederlandse kalfjes hebben, hoor. In de Nederlandse melkveehouderij worden jaarlijks 1,5 miljoen kalfjes geboren. Die worden binnen een paar uur bij de moeder weggehaald. Een aantal van de vrouwtjes mag blijven om zelf ook een leven als melkkoe door te moeten brengen. De rest wordt gewoon afgevoerd naar de mesterij. Van die 1,5 miljoen kalfjes die jaarlijks in Nederland geboren worden, gaan er 200.000 binnen een aantal weken dood. Waarom? Omdat ze niet de zorg krijgen die ze van nature van hun moeder zouden krijgen. Dat wordt ze gewoon niet gegund. De moeder lijdt daaronder, want een zoogdier — het woord zegt het al — wil haar eigen jongen kunnen zogen. Sterker nog, dat is de reden dat het kalf geboren moet worden: zodat er melkproductie op gang komt. En het jong heeft zijn moeder nodig. Dat wordt ze allemaal niet gegund. De heer Geurts kan dus kiezen. Gaan we het hebben over het leed dat we aan het begin, in Ierland, bij kalfjes veroorzaken, of over het leed dat we ze in Nederland aandoen? Wat mij betreft hebben we het over allebei. Het is allebei schandalig.

De voorzitter:
Dat mag de heer Geurts dadelijk doen in zijn eigen termijn. U vervolgt uw betoog.

Mevrouw Ouwehand(PvdD):
Dank u wel, voorzitter. Ik had het over de speerpunten waar minister Schouten dan wel mee aan de slag wil. Op het gebied van stalbranden zien we nog geen begin van een verbetering. Ik vraag haar echt om afstand te nemen van de denktrant dat je moet bepalen of het proportioneel is om te investeren in het voorkomen van dit soort gruwelijk dierenleed, en gewoon de morele keuze te maken en te zeggen: wij willen dat het niet meer voorkomt.

Na lang, lang, lang aandringen van de Partij voor de Dieren heeft de minister eindelijk aangekondigd dat ze een wettelijke grens gaat stellen aan de temperatuur waarbij dieren mogen worden vervoerd. Dat is mooi, maar die temperatuur van 35°C is natuurlijk veel te hoog. Als er wetenschappelijke bewijzen voor zijn dat dieren al last hebben van hittestress vanaf 27°C, waarom komt zij dan met 35°C? Waar is dat op gebaseerd? En waarom kondigt ze aan — dat is ook een van de maatregelen — dat het couperen van biggenstaartjes wel zal worden beëindigd, maar wat haar betreft pas in 2030? Ik herinner nog maar even aan de belofte dat in 2022 een einde zou zijn gekomen aan alle ingrepen. Ik wil de minister ook vragen of ze even kan memoreren hoe lang het in Europa eigenlijk al verboden is om routinematig de staartjes van biggetjes af te knippen, te couperen of af te branden.

Dan over de hitte. Wij hebben de minister op tijd gewaarschuwd dat de hitte voor grote problemen zorgt bij dieren, niet alleen op transport, maar ook in de stallen. Het ministerie van Landbouw stelde zich op 24 juni op als een promotiebureau van de veehouderij. Zij zeiden: kijk, boeren en tuinders laten met #geenhittestress zien wat zij doen om dieren en gewassen tegen de warmte te beschermen. Het ministerie heeft deze zomer geen enkele maatregel genomen. Er zijn minstens 155.000 dieren in de stallen omgekomen vanwege de hitte. Pas toen de hitte voorbij was, schreef de minister op Twitter: "De extreme hitte vraagt om extra zorg voor onze dieren. Op veruit de meeste plekken doen boeren dat met grote zorg en toewijding in hun stallen." Mijn vraag is: waar baseert ze dat op? De NVWA controleert namelijk één keer in de 33 of 50 jaar.

Dan zegt ze ook nog dat de NVWA optreed als het dierenwelzijn in het geding is. Dat is aantoonbaar niet waar. Er hebben mensen bij slachthuizen gestaan waar de dieren in vrachtwagens zaten bij ver boven de 35°C, en de NVWA deed niks. Dus waarom vindt zij het nodig om mensen op Twitter een heel ander verhaal voor te schilderen dan wat er in werkelijkheid gebeurt?

Tweede termijn

Voorzitter, dank u wel. Het wordt een spannend najaar voor de dieren, het klimaat en de natuur. D66 heeft een schot voor de boeg gegeven door te zeggen wat iedereen eigenlijk al twintig jaar weet: de veestapel in Nederland is veel te groot. De minister zei zojuist: u hoort nog van mij en ik ga dit integraal bekijken. Dat hoop ik dan echt. Ik hoop dat zij ook niet vergeet te kijken naar de systemen waarin de dieren terechtkomen. In dat licht heb ik ook een vraag over de sanering die al was beloofd in het regeerakkoord. Van de beloofde 200 miljoen blijkt maar 120 miljoen voor echte sanering van de varkenshouderij te zijn. De overige 60 miljoen is voor subsidie van stalsystemen waarvan we al weten dat ze brandgevaarlijk zijn. Gelet op de hogere prijzen die er nu zijn vanwege de varkenspestcrisis in China, wil ik weten hoeveel de minister echt denkt te bereiken met deze krimp. Hoeveel varkens zijn er straks minder met die 120 miljoen die is overgebleven vanwege die investering?

De minister zegt dat zij wat betreft stalbranden openstaat voor ideeën. Dat is fijn, maar die ideeën zijn er al. Minder dieren op een kluitje geeft minder slachtoffers als het misgaat. Geef dieren vrije uitloop, want dan kunnen ze vluchten als er brand is. Houd op met luchtwassers. Er zijn dus ideeën genoeg. Ook daar komen we over te spreken.

Dan de hitte. Ik ben blij dat de minister eindelijk dat wettelijk maximum van 35°C gaat vastleggen, maar 35°C is nog steeds veel te hoog. Ik zal een motie indienen — hierbij vraag ik dus een VAO aan — om die temperatuur naar beneden te krijgen.

Tot slot zijn de sterftecijfers van jonge dieren als kalfjes, geitenlammetjes en biggetjes helaas onvoldoende aan bod gekomen. De minister zet zwaar in op registreren en benchmarken. Zij weet ook dat het heel flauw is om te zeggen dat ik doe alsof je door een doel te stellen dat doel ook gaat halen. Zij weet dat bewindspersonen moeten kunnen worden afgerekend op de vraag of ze hun beleid hebben waargemaakt of niet. Dat is mijn vraag.

Ik ben ook benieuwd of de minister echt geïnteresseerd is in alle sterftecijfers in de veehouderij, want als ik daarnaar vraag, dan zegt ze dat ze het van een aantal sectoren niet weet, terwijl die cijfers er gewoon zijn, of ze verwijst naar een website van de varkenshouderij zelf. Dan moet ik er dus op vitalevarkens.nl achter komen dat in 2018 de biggensterfte weer hoger is geworden. Daardoor denk ik: zijn ze op het ministerie zelf niet geïnteresseerd dan? De minister moet die cijfers zelf toch ook weten? Mijn vraag is dus: mogen we, als zij zo zwaar gaat inzetten op registreren en benchmarken, de cijfers weten over alle sectoren waarin dieren worden gefokt, gebruikt en gedood? En is het ministerie daar zelf ook in geïnteresseerd? Dat lijkt mij wel.