Bijdrage Ouwehand aan debat over begroting BuHa-Os


28 november 2019

Voorzitter, dank u wel. We hebben één aarde en daar zullen we het mee moeten doen. Het geval wil dat Nederland en andere westerse economieën veel meer opmaken dan de aarde ieder jaar aan natuurlijke hulpbronnen kan genereren. Het erge daaraan is dat niet wij dat voelen, maar juist de mensen die het toch al niet zo makkelijk hebben in deze wereld, de mensen die in de meest kwetsbare gebieden wonen. Het pijnlijke aan dit debat met de minister voor Ontwikkelingssamenwerking maar ook voor Buitenlandse Handel, is dat we onszelf hier wijsmaken dat we een strijd aanbinden tegen ongelijkheid en armoede, alsof er een natuurwet is die heeft bepaald dat die ongelijkheid en die armoede er zijn en wij, goed als we zijn, een bijdrage leveren om iets van die ellende verminderen, terwijl we die ellende zelf veroorzaken.

Dus het eerste punt dat ik wil maken in dit debat met deze minister is het budget voor ontwikkelingssamenwerking. Er is ongelijkheid, er is armoede en er zijn mensen die onder vreselijke omstandigheden moeten leven in de wereld, en wij hadden als Nederland afgesproken dat we 0,7% van wat we ieder jaar met z'n allen verdienen, zouden besteden aan hulp aan mensen die dat heel hard nodig hebben. Nou wil het geval dat onder dit kabinet het percentage van ons nationale inkomen dat wij besteden aan ontwikkelingssamenwerking lager is dan het in 40 jaar is geweest. Dat is beschamend, vooral ook omdat de manier waarop we dat geld verdienen, de omstandigheden voor die mensen nog slechter maakt. We zagen minister Wiebes getergd voor de camera's van de NOS staan. Hij heeft voor het eerst moeten toegeven dat economische groei eigenlijk een tegenvaller is. Het betekent namelijk dat de uitstoot van broeikasgassen die gepaard gaat met die economische groei in Nederland weer meer is gestegen dan hij heeft kunnen oplossen met zijn klimaatmaatregeltjes. De Partij voor de Dieren zegt het al langer: economische groei is niet de oplossing maar het probleem. Het lijkt erop dat in elk geval minister Wiebes dat nu een beetje begint te voelen.

Maar deze minister houdt zich nog altijd doof en blind voor dit ongemakkelijke feit, terwijl zij toch verantwoordelijk is voor het tegengaan van die klimaatverandering met het oog op de gevolgen voor de armste mensen, die daar als eersten de hardste klappen van zullen gaan opvangen terwijl zij die klimaatverandering niet hebben veroorzaakt. De Nederlandse economie en de andere westerse economieën maken het de mensen in ontwikkelingslanden nog veel moeilijker dan je met welk ontwikkelingsbudget dan ook zou kunnen oplossen. Maar gegeven het feit dat we dat doen, moeten we minstens terug naar die 0,7%. Ik heb een voorstel ingediend om van het begrotingsoverschot, dat we dus hebben verdiend met extra klimaatverandering, in elk geval 130 miljoen te besteden aan de beloofde klimaatactie om de gevolgen in ontwikkelingslanden in elk geval te proberen op te vangen.

Voorzitter. Als je nieuw bent op dit dossier en jarenlang in je eigen kosmopolitische D66-bubbel hebt geleefd, kan ik me voorstellen dat je niet doorhebt hoe onze economie mensen elders nog verder in de problemen helpt. Ik kan me voorstellen dat dit nieuwe informatie voor je is en dat je daar nog eventjes nieuwe informatie over aangereikt moet krijgen. Maar van deze minister hadden wij toch verwacht dat zij dat inmiddels wel zou snappen en dat ze inmiddels wel in de gaten zou hebben dat je, wat je ook doet aan ontwikkelingssamenwerking, al je eigen doelen in de weg zit als je schade toebrengt die veel groter is dan je kunt oplossen. Daarmee zit je je eigen mensenrechtenagenda in de weg. Daarmee breng je de meisjes en vrouwen voor wie je zegt te willen opkomen, in een veel benardere positie dan nodig was geweest.

Als we blijven doen wat we deden, dan blijven we krijgen wat we kregen. Als deze minister niet reflecteert op de gevolgen van de agressieve handelspolitiek die Nederland onder haar bewind voert, dan stellen haar ambities voor de versterking van de positie van meisjes en vrouwen toch niets voor? We hebben haar toch gewezen op het feit dat meisjes en vrouwen juist vermorzeld raakten in de internationale handelsketens die deze minister te vuur en te zwaard verdedigt? We hebben haar toch gewezen op het feit dat je voedselzekerheid in de wereld never nooit niet kunt garanderen als we in rijke landen, zoals Nederland, niet acuut stoppen met het fokken, gebruiken en doden van dieren voor vlees en zuivel? We hebben haar toch gewezen op het feit dat de ongelijke verdeling van voedsel in de wereld een direct gevolg is van onze eigen overconsumptie? De minister reflecteert daar op geen enkel moment op. Ze doet eigenlijk hetzelfde als de minister-president in een eerder debat: ze luistert niet eens.

Voorzitter. Het huidige voedselsysteem is een bedreiging voor zowel mensen als de planeet, hebben de minister van LNV en de minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, dus Schouten en Kaag, erkend. Maar vervolgens doen ze niets, terwijl we weten uit een IPCC-rapport dat onlangs is gepresenteerd, dat de veehouderij geen voedsel produceert, maar vernietigt. Als je van rundvlees nog maar 4% van de voedingswaarde overhoudt die je had kunnen hebben als je voedsel direct aan mensen had gevoerd en niet had verspild in het maagdarmkanaal van koeien en als je weet dat het verlies van voedingswaarde bij varkensvlees 90%, bij zuivel 75%, bij kippenvlees 50% en bij eieren 40% is, dan kan deze minister toch niet wegblijven bij de discussie die dringend gevoerd en door haar aangezwengeld moet worden? Dan kun je toch niet wegblijven bij het feit dat het een oneerlijke verdeling van voedsel is als wij blijven eten zoals wij doen? Wat als wij blijven inzetten op handelsdeals met China, waarvoor we kalfjes importeren uit Ierland en Litouwen om die hier in Nederland in een droeve kalvermesterij vet te mesten en om vervolgens hun aan stukken gesneden lichaamsdelen op het vliegtuig naar China te zetten? Waar is deze minister als het gaat om het verdedigen van het recht op voedsel voor iedereen?

Voorzitter. Deze minister lijkt blind en doof voor de schade die zij zelf veroorzaakt met de agressieve handelspolitiek. We zagen dat veel mensen eigenlijk hun hoop hadden gevestigd op deze minister omdat ze mooie woorden spreekt over mensenrechten en het versterken van de positie van vrouwen en meisjes in de wereld. Ze zegt dingen als: de manier waarop je naar iemand ver weg kijkt, is een graadmeter van beschaving. Ik hou haar voor: durven kijken naar de schade die je toebrengt aan iemand ver weg is een graadmeter van beschaving. Dan geeft het geen pas om weg te kijken bij alle bezwaren tegen de handelspolitiek die zij veel belangrijker maakt dan de mensenrechtenagenda en de agenda voor meisjes en vrouwen. Dan geeft het geen pas dat ze wegkijkt voor de bezwaren tegen het Mercosur-verdrag met Brazilië, waar inheemse volken worden weggejaagd. De inheemse volken smeken ons om een einde te maken aan de handelsdeal met Brazilië. Maar de minister geeft geen kik. We hebben haar gevraagd waar zij de grens trekt. Waar trekt u de grens voor een handelsrelatie met iemand die een afzetmarkt creëert met mensenrechtenschendingen?

De minister is bereid om Nederland als afzetmarkt te geven aan Bolsonaro, terwijl we weten dat de ontbossing onder zijn regime veel sterker is geworden dan we wisten en dan de afgelopen jaren. Ook worden de inheemse volken van hun land weggejaagd. Waar trekt de minister de grens? Waarom zegt zij tegen president Bolsonaro dat hij de producten die hij kan verbouwen in ontboste gebieden en waarvoor mensen zijn weggejaagd en vermoord, gewoon op de Europese markt mag verkopen? Dat gaat tegen de kringlooplandbouw en tegen de belangen van Nederlandse boeren in. Het gaat vooral tegen haar eigen agenda in.

De vraag werd opgeworpen of minister Kaag wel politicus genoeg zou zijn. We zagen haar in Buitenhof een deal verdedigen zoals we dat kennen van een oldskool machtspoliticus. Ze haalt de oorlog erbij. Ze dreigt met crisis. Ze zet alle tegenstanders weg als dom en ongeïnformeerd. En zelf doet ze aan zware misleiding. Over Canada zegt ze: voor dierenwelzijn zijn er standaarden. En ook: als we het met Canada niet kunnen, met wie dan wel? De minister is erop gewezen dat de dierenwelzijnseisen in Canada stukken lager liggen dan in Nederland. Boeren protesteren niet voor niets. Dezelfde discussie gaat op voor de handelsdeal met Thailand, voor Mercosur en voor Oekraïne, waar dankzij deze minister — ze heeft het niet tegengewerkt — het quotum voor de invoer van kippenvlees is verhoogd. We hebben geen kik van haar gehoord. Als deze minister niet inziet dat ze dringend moet bijdragen aan een herziening van de Nederlandse economie die binnen de grenzen van de aarde blijft ...

De voorzitter:
Denk aan uw spreektijd.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ja, voorzitter. Maar dan zijn haar praatjes over mensenrechten en een eerlijke verdeling van de hulpbronnen in Nederland niets waard.

De voorzitter:
Nee, meneer Bouali. Dank u wel, mevrouw Ouwehand. Meneer Bouali, u heeft veel geïnterrumpeerd.

De heer Bouali (D66):
Ik wil graag een persoonlijk feit maken.

De voorzitter:
Een persoonlijk feit? De heer Bouali.

De heer Bouali (D66):
Het taalgebruik van mevrouw Ouwehand stuit me gewoon echt tegen de borst. Er zit hier een minister tegenover haar. Ze kan haar vragen stellen. Ze kan het niet eens zijn met haar beleid. Maar de bewoordingen die ze kiest, kunnen gewoon echt niet. Debatteer gewoon normaal. Zeg gewoon wat je ervan vindt. Je kunt misschien ver van elkaar staan en dichter naar elkaar toe komen. Maar gebruik gewoon normale woorden.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Welke woorden heb ik gebruikt die ongepast zouden zijn? Of waren het gewoon ongemakkelijke feiten die D66 liever niet wil horen?

De heer Bouali (D66):
"Praatjes" en dat soort woorden. Als u de minister te woord staat, zegt u gewoon: ik ben het niet met u eens, u hebt een ander beleid. Maar niet "praatjes" en allerlei dingen die u hebt ... Ik moet het weer terugspoelen, maar het stuitte mij gewoon enorm tegen de borst. Volgens mij kunt u gewoon, normaal debatteren zonder al die denigrerende verkleinwoorden te gebruiken.

Mevrouw Kuik (CDA):
Ik zit ook in de banken en ik zie hoe deze minister zich inzet voor BuHa-OS. Ik vind het vrij respectloos hoe mevrouw Ouwehand over de inzet van deze minister spreekt. Dat stoort me en dat wil ik wel gezegd hebben, want deze minister werkt keihard om de wereld een beetje mooier te maken. Dat mag ook wel gezegd worden. Vandaar dat ik toch even deze reactie wil geven.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Dit is vaker gebeurd. Op het moment dat je in deze Kamer het pijnlijke feit blootlegt dat de manier waarop de Nederlandse economie, de buitenlandse handel functioneert en laat zien dat de agressieve exportstrategie van Nederland andere mensen in deze wereld in grotere problemen brengt dan je ooit met ontwikkelingssamenwerking kunt oplossen, slaat iedereen een soort van op tilt. Maar dan zou ik graag bewijzen van het tegendeel horen. Want we hebben toch de rapporten van het IPCC. De Monitor Brede Welvaart is er toch? Earth Overshoot Day is er toch? En daaruit blijkt dat Nederland in mei al alle grondstoffen heeft opgemaakt die ons eerlijk zouden toekomen. En deze minister werkt daaraan mee.

Mevrouw Kuik (CDA):
Dat was mijn punt niet. Ik vind het prima dat we inhoudelijke punten maken. Wij zijn hier om te debatteren. Maar "op de persoon" is gewoon niet oké.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Wat klopt er niet aan? De minister is verantwoordelijk voor ontwikkelingssamenwerking. Zij heeft op dat vlak een hele mooie agenda die wij op zichzelf steunen. Maar de minister zorgt tegelijkertijd voor buitenlandse handel en voor deals die rechtstreeks ten koste gaan van alle pogingen die je zou kunnen doen om het klimaat te redden en om het biodiversiteitsverlies te stoppen. Op dat gebied falen we als een malle. De klimaatcrisis giert de pan uit. Het biodiversiteitsverlies is dramatisch. Deze minister kijkt daarvan weg in haar handelspolitiek, en maakt die belangrijker dan de doelen die ze zegt na te streven vanuit haar verantwoordelijkheid voor ontwikkelingssamenwerking.