Bijdrage Ouwehand aan debat over Klimaat­ak­koord


6 februari 2019

Je moet eerst cookies accepteren voordat je deze video kunt bekijken


Eerste termijn

Voorzitter, dank u wel. In september was Greta Thunberg — ik kan haar naam niet zo goed uitspreken als zij zelf doet — in Den Haag. Ik nam haar mee naar deze zaal. Ze heeft op deze plek gestaan, maar er was niemand om naar haar te luisteren. Dat is jammer, want zij zegt heel verstandige dingen. Dit meisje uit Zweden heeft een klimaatstaking georganiseerd, die wereldwijd wordt nagevolgd. Zij zegt bijvoorbeeld tegen wereldleiders, en ook tegen alle mensen hier: jullie zijn door je excuses heen en we zijn ook door onze tijd heen.

Een van die excuses is draagvlak. Draagvlak is natuurlijk belangrijk, maar het Milieu- en Natuurplanbureau, de voorganger van het PBL, heeft in 2004 al een onderzoek uitgevoerd waaruit blijkt dat 70% van de Nederlanders vindt dat de overheid aan zet is om de milieu- en klimaatproblemen op te lossen. Je zou kunnen denken dat dit percentage in de tussentijd misschien verminderd is, maar Motivaction heeft dat onderzoek in 2018 herhaald en het is opgelopen tot 76%.

Het is jammer dat de heer Buma de zaal even uit is, want ik wilde vragen of mensen hier in de zaal weten wat het eerste burgerinitiatief was dat de Tweede Kamer heeft bereikt. Binnen no-time kreeg dat burgerinitiatief meer dan 100.000 handtekeningen en het werd gesteund door de kerken. Dit burgerinitiatief werd in 2006 door Jongeren Milieu Actief gestart en heette Stop Fout Vlees. Het was een heel pakket aan maatregelen voor een krimp van de Nederlandse veestapel met 50%, uitgerekend, doorgerekend, verstandig, op tijd, zodat boeren nog tijd zouden hebben om om te schakelen en het de belastingbetaler niet ongelofelijk veel geld zou gaan kosten. Het had enorme steun.

De voorzitter:
En de heer Buma is er gewoon.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ja, de heer Buma is er. Ik had willen vragen of hij wist dat dit eerste burgerinitiatief ging over een krimp van de veestapel en dat de kerken het gesteund hebben.

Voorzitter. Hadden we op tijd geluisterd naar de burger, dan waren we nu niet in deze beschamende klimaatruzie beland: een beetje zitten doen en elkaar de vliegen afvangen over wat het gaat kosten, terwijl we weten wat de echte vraag is. We weten allang wat er nodig is. Het klimaatakkoord gaat uit van naar we hopen 2°C, maar waarschijnlijk is het veel meer. We horen de woordvoerder van D66 zeggen: als het niet genoeg is, gaan we opplussen en komen er extra maatregelen. Alsof dat gratis is. Ik weet niet waarom de minister-president en de minister van Economische Zaken allebei op hun telefoon zitten te kijken, maar ik heb serieuze vragen. Ik wil namelijk weten wat het de belastingbetaler gaat kosten als we blijven treuzelen met dit pakket en uiteindelijk toch de maatregelen moeten nemen waarvan we al jaren weten dat ze genomen moeten worden, want dat de veestapel moet krimpen, weten we al dik twaalf jaar. Waarom vindt de minister-president dat er gepolderd kan worden, terwijl er over bijvoorbeeld de krimp van de veestapel een officieel rapport ligt van een van de belangrijkste adviesorganen van het kabinet, de Raad voor de leefomgeving? Die zegt: hoe langer je wacht, hoe moeilijker het wordt; een krimp van de veestapel is onvermijdelijk. Waarom zou LTO het dan beter weten? Die zegt over het klimaatakkoord: wij hebben gewonnen aan die tafels en we gaan het mooi niet doen.

Voorzitter. Politici zijn bang. Ze zijn bang voor een krant die nou niet bepaald de reputatie heeft op tijd in de gaten te hebben wat de goede en wat de slechte kant van de geschiedenis is. Jongeren worden daarin afgezeken voor de klimaatstakingen die ze organiseren. Die krant zegt letterlijk dat jongeren de rotzooi van anderen moeten opruimen en gewoon naar school moeten, eigenlijk ondersteund door de minister van Economische Zaken.

Voorzitter. De Partij voor de Dieren heeft vanmiddag een brief uitgedaan naar het bestuur van de Kamer, waarin we de Kamer verzoeken om de regels te breken, nieuwe regels te zoeken en inspraakrecht voor jongeren te organiseren in de Kamer. Zij hebben geen stem; zij mogen pas stemmen als ze 18 zijn. Het is van groot belang dat hun geluid hier in de Kamer wordt gehoord.

-----

Tweede termijn

Voorzitter, dank u wel. De Partij voor de Dieren is er voorstander van om de kiesgerechtigde leeftijd te verlagen naar 16 jaar, onder andere vanwege dit soort problemen. Als je nu 16 bent, moet je nog 70 jaar mee op deze planeet. En de beslissingen worden genomen door mensen die korter de tijd hebben. Wij vinden dat geen goed idee. Verlaging van de kiesgerechtigde leeftijd is nog niet gelukt, maar we kunnen wel de spelregels hier in de Kamer veranderen. We vinden het daar hoog tijd voor. We hebben een voorstel gedaan aan het bestuur van de Kamer om te zorgen voor inspreekrecht voor jongeren. We wachten die discussie even af, maar mocht dat negatief uitvallen, dan hebben we een motie, zodat we er in de Kamer een uitspraak over kunnen doen.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de Kamer geen direct inspreekrecht kent, zoals bijvoorbeeld bij gemeenteraden wel gebruikelijk en in een aantal gevallen zelfs wettelijk verplicht is;

overwegende dat in de politiek besluiten worden genomen die jongeren direct aangaan, maar waarover zij bij verkiezingen niets te zeggen hebben, omdat zij tot een leeftijd van 18 jaar geen stemrecht hebben;

spreekt uit dat jongeren inspreekrecht moeten hebben bij onderwerpen die voor hen directe, langdurige en zwaarwegende gevolgen hebben, zoals het klimaatbeleid;

verzoekt het Presidium dit te organiseren,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Ouwehand en Van Raan. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. Zij krijgt nr. 276 (32813).

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Voorzitter. Ik heb nog één motie.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli) op verzoek van het kabinet-Rutte II heeft geconcludeerd dat, om de klimaatdoelstellingen te halen, een krimp van de veestapel onvermijdelijk is;

constaterende dat de Rli eveneens concludeert dat het uitstellen van deze onvermijdelijke maatregel onverstandig is, zowel voor boeren als de uiteindelijke maatschappelijke kosten;

constaterende dat in het voorliggende klimaatakkoord het advies om de veestapel te krimpen is genegeerd;

verzoekt de regering om de aanbevelingen uit het Rli-rapport toe te voegen aan de inventarisatie van maatregelen,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Ouwehand en Van Raan. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. Zij krijgt nr. 277 (32813).

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Dank u wel, voorzitter.