Bijdrage Ouwehand AO Mest


25 januari 2018

Voorzitter, dank u wel. We spreken vandaag over het zesde actieprogramma Nitraatrichtlijn. Voor de mensen die thuis meekijken: wij spreken over een heel klein onderdeeltje van de Nederlandse landbouw. De Partij voor de Dieren vindt het echt belangrijk dat we alle debatten die we voeren over landbouw zo veel mogelijk integraal bekijken. Want wat is het geval? Nederlandse boeren mogen, anders dan andere boeren in andere Europese lidstaten, veel meer mest kwijt op het land.

Daar zijn voorwaarden aan verbonden. Wij mogen als geheel niet meer mest produceren dan wij in 2012 deden. Dat is ook wel redelijk, want andere lidstaten zijn natuurlijk niet gek. Nederlandse boeren hebben gewoon een concurrentievoordeel omdat het verwerken of afzetten van mest geld kost. Als je meer op je land kwijt mag, ben je goedkoper uit dan boeren elders. Bovendien hebben we afgesproken dat het water schoon en gezond moet zijn. De PVV maakt er bezwaar tegen, maar de Partij voor de Dieren vindt het eigenlijk een beetje beschamend dat je alleen maar zou willen zorgen voor gezond grondwater omdat je dat in Europa hebt afgesproken. Het is de plicht van de Nederlandse overheid om zelfstandig, Europa of geen Europa, zorg te dragen voor een gezonde leefomgeving. Daar hoort schoon water nu eenmaal bij. Nou weten we dat we die doelen maar mondjesmaat halen, met ingewikkelde regelgeving die steeds ingewikkelder, ingewikkelder en ingewikkelder wordt, waarbij je met ieder plan dat je maakt misschien één jaartje of twee jaartjes vooruit kunt. Maar alle analyses wijzen er inmiddels op dat het laaghangend fruit nu wel geplukt is. Ik noem het Planbureau voor de Leefomgeving, de Commissie voor de m.e.r., die naar dit plan heeft gekeken. We hebben eigenlijk al het makkelijke dat we konden doen om in de buurt te komen van die doelen, nu wel gedaan. Dus de vraag is: wat is de volgende verstandige stap?

Het punt is dat het kabinet naar ik aanneem ook achter de doelen staat, zowel vanuit de Nederlandse overheid zelf, voor gezond water en een gezonde leefomgeving, als die Europese verplichtingen die we zijn aangegaan. Als dat zo is, dan is echt de vraag: wat zijn nou de langetermijnkeuzes voor de landbouw? Ik vroeg het ook aan een woordvoerder van het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt, tijdens een hoorzitting die op initiatief van de heer Grashoff was georganiseerd. Ik zei: luister, jij bent een jonge boer, jij moet nog wel effe door in die landbouw, misschien nog wel 40 jaar; wat heb je er nou aan als we nu op de millimeter blijven rommelen met het aanscherpen van milieuregels waarvan je nu al weet dat je de doelen niet gaat halen? Hij zei tot mijn grote opluchting: dat is eigenlijk wel een goed punt, we moeten misschien verder vooruit kijken en verder vooruit ons beleid maken. Dat betekent misschien ook pijnlijke keuzes. Het laatste zei hij niet, maar dat zeg ik er nu bij. Op een ander punt was ik het ook nog met hem eens, dat mooi illustreert waar we dan in vastzitten. Als je mest op mais plempt -- ik heb even geen ander woord -- dan spoelt dat makkelijk door naar het grondwater. Dat is dus een probleem. De overheid wil dat aanpakken en dus staat in het actieprogramma dat er moet worden gewerkt met rijenbemesting. Die boer zei terecht: daardoor gaat de bodemkwaliteit niet vooruit. Dus wij zijn dat eens. Zo'n maatregel, waarmee je misschien wel een beetje in de buurt van je nitraatdoel komt, gaat ten koste van je bodemkwaliteit. De vraag is wel …

De voorzitter:
Gaat u zo afronden?

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Dat zal helaas moeten. De vraag is wel: welke stap zet je dan vervolgens? Als je ziet dat ook het kabinet heeft aangekondigd dat er een warme sanering komt van de varkenshouderij in overbelaste gebieden, waarom stelt de minister dan niet voor om de hoeveelheid mais die we telen in Nederland die bestemd is voor de varkenshouderij, te koppelen aan dat plan om de veestapel in de varkenshouderij te laten krimpen? Dan hoeven we die rijenbemesting niet in te voeren. Dan pakken we het probleem bij de bron aan. Dit is maar één illustratie van wat een integrale kijk dit kabinet kan opleveren, maar ook de boeren. En helaas, ik had nog meer willen zeggen, maar de spreektijd is op.