Bijdrage Ouwehand AO Voedsel en Voed­sel­prijzen


6 februari 2013

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Voorzitter. Tijdens de behandeling van de landbouwbegroting hebben we een goede start gemaakt met de discussie over voedsel, voedselprijzen en de broodnodige verduurzaming van het voedsel dat op ons bord ligt. Het is nodig dat we snel doorpakken op dit dossier. Voedsel is immers voor 20 tot 30% verantwoordelijk voor de milieudruk die individuele consumenten veroorzaken. Als wij die kunnen verminderen, is dus grote winst geboekt. Ik ben blij dat de Kamer ons voorstel heeft gesteund om de lokale teelt van veevoer te stimuleren en om de massale import van soja in te dammen. De staatssecretaris noemde het ondersteuning van beleid. De staatssecretaris van het vorige kabinet dacht daar echter heel anders over. We horen dan ook graag hoe deze staatssecretaris de desbetreffende motie gaat uitvoeren. Wat mij tijdens de begrotingsbehandeling opviel, is dat de staatssecretaris wel de urgentie erkent van de verduurzaming van ons voedsel, maar dat zij de regie daarover vooralsnog toch bij de sector laat liggen. Daarmee zou zij in de voetsporen treden van haar CDA-voorgangers. Ik weet niet of dat zo wenselijk is. Die voorgangers hebben namelijk niet zo veel bereikt. Duurzame producten blijven een kleine nichemarkt en de overheid is uitgevonden om het publieke belang te behartigen: volksgezondheid, milieu, dierenwelzijn en een eerlijke verdeling van het voedsel op de wereld. Het is tijd voor beleid. We kunnen het ons niet langer veroorloven om het aan de markt zelf over te laten. Dat hebben we niet gedaan toen wij loodhoudende benzine hadden, dat hebben we niet gedaan toen Nederland nog massaal rookte en dat hebben we ook niet gedaan met de invoering van de spaarlamp.

We komen nog nader te spreken over de duurzaamheid van de veehouderij. Dit debat gaat over de vraag wat wij eten, maar naar de mening van de Partij voor de Dieren gaat het nadrukkelijk ook om de vraag wat we waarvan eten en hoeveel. Het Planbureau voor de Leefomgeving, Nicholas Stern, Pachauri van het Intergovernmental Panel on Climate Change en de VN-rapporteur voor het recht op voedsel dringen allemaal aan op het terugdringen van onze overmatige vleesconsumptie. In Nederland en de rest van de rijke westerse wereld eten we te veel dierlijke eiwitten. Erkent de staatssecretaris net als de Partij voor de Dieren dat over voedsel eenzelfde soort debat lijkt te ontstaan als over het klimaat? Onafhankelijke wetenschappers en onafhankelijke rapporteurs bekijken alle studies en komen tot conclusies en dan verschijnen hier en daar berichten waaruit de partijen die niks met duurzaamheid hebben, selectief kunnen shoppen. Hoe reageert de staatssecretaris dan op het pleidooi van de VVD? Ik kan niet voortdurend mijn interrupties gebruiken om de nonsens die daar wordt verteld, te ontkrachten. Van een medewerker die meeluistert, heb ik gehoord dat de heer Schouw al even heeft gesproken over de Internationale Grüne Woche. Ik heb dit ook al genoemd bij het overleg over de Landbouw- en Visserijraad. Wij hoorden van de FAO dat met name marketing van voedselproducten een bijdrage levert aan de oneerlijke verdeling van voedsel in de wereld. Dat konden we op de Internationale Grüne Woche met eigen ogen zien. Ik denk dat het tijd is om ons te bezinnen op dat soort promotie van overconsumptie. Die doet zich in grote mate voor. De vleesconsumptie legt niet alleen een onevenredig groot beslag op landbouwgronden, het milieu en de dieren, maar brengt ook grote risico's voor onze gezondheid met zich. Daarbij denk ik niet alleen aan Q-koorts of MRSA; we worden ook gewoon te dik van al die dierlijke eiwitten. Ook worden er bepaalde vormen van kanker mee geassocieerd. Laat de welvaartziekte nu juist zorgen voor een enorme toename in de zorgkosten. In andere landen is deze boodschap luid en duidelijk overgekomen en is de overheid actief op het gebied van het afremmen van een overmatige vleesconsumptie. De Belgische minister van Volksgezondheid gaat de overconsumptie van vlees aanpakken en de Zweedse rijksdienst landbouw pleit in een rapport waar de Zweedse overheid om heeft gevraagd, voor een beperking van de vleesconsumptie. Heffingen en etikettering worden daarbij als goede instrumenten genoemd. Bij een transitie naar een duurzame samenleving hoort niet alleen een energietransitie, maar ook een eiwittransitie. Ik kom nog even terug op het debat over de begroting: dat houdt dus ook in dat wij dierlijke eiwitten moeten vervangen door plantaardige en niet door andere dierlijke eiwitten, zoals het eiwit van insecten. Goedkoop vlees wordt eigenlijk driemaal betaald: een keer aan de kassa, een keer in de vorm van belastingen waarmee nieuwe megastallen en slachthuizen worden gefinancierd -- tijdens de vorige kabinetsperiode alleen al ging het daarbij om 11,4 miljoen -- en een keer in de vorm van schade aan het milieu en de gezondheid. Deze schade wordt afgewenteld op de maatschappij. Volgens de VU…

De voorzitter: U moet afronden.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Dan moet ik sneller zijn. Ik ga naar mijn laatste zin. Alleen al de productie van varkensvlees kost de samenleving 2,1 miljard. Dat moet dus op de schop. Een vrijwillige vleestaks werd al geopperd door staatssecretaris Verdaas. Wat
vindt deze staatssecretaris van dat idee? Tot slot. Het regionaliseren van de productie is belangrijk…

De voorzitter: Nee, u bent door uw tijd heen.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Dan stel ik een laatste vraag. Welke mogelijkheid ziet deze staatssecretaris voor het verder regionaliseren van de voedselproductie?

Beantwoording door de staatssecretaris van Economische Zaken:

Staatssecretaris Dijksma: (…)
Mevrouw Ouwehand sprak over de vleesconsumptie. Tijdens de begrotingsbehandeling hebben wij daar al kort over gesproken. Het staat consumenten vrij om keuzes te maken. Gelukkig. Dat geldt ook voor vlees. Vlees dat in de winkelschappen ligt, voldoet aan de normen die daarvoor gelden. Een bewuste keuze bij de aankoop van vlees kan wel positief bijdragen aan het dierenwelzijn. Dat weten we ook. Ik wil dat niet via een belastinginstrument afdwingen, maar ik wil er wel voor zorgen dat de consument zich hiervan meer bewust is via meer transparantie in de keten. De consument heeft goede informatie nodig.

Dan ga ik in op de lokale teelt van voedergewassen, waar mevrouw Ouwehand een vraag over heeft gesteld. In de aangenomen motie-Thieme wordt gevraagd om de lokale teelt van voedergewassen te bevorderen omdat de Nederlandse teelt kan leiden tot grote winst voor milieu en biodiversiteit. Momenteel wordt dit al door de sector opgepakt. De veevoerindustrie onderzoekt nu de mogelijkheden om meer eiwithoudende veevoergrondstoffen te betrekken uit Europa en zo dus minder afhankelijk te worden van de aanvoer van grondstoffen uit Zuid- Amerika. Dat is een belangrijk initiatief. De commissie-Van Doorn heeft daar ook het een en ander over gezegd. Zij heeft de ambitie uitgesproken dat in 2020 minimaal 50% van het eiwitrijke diervoer uit Europa komt. Binnen de Uitvoeringsagenda duurzame veehouderij zullen Natuur & Milieu, de Nederlandse Vereniging Diervoederindustrie en LTO de duurzaamheidseffecten in beeld brengen binnen de taskforce voer-mestkringlopen. Het ministerie van Economische Zaken participeert daarin. Wij zijn er dus al mee aan de slag. Het is een belangrijk onderwerp. Als er meer resultaten zijn, krijgt de Kamer daar natuurlijk bericht van.

(…)
Mevrouw Ouwehand (PvdD): Ik hoor van de staatssecretaris vooral veel "sector speak". Als haar ministerie het ministerie is van dierenwelzijn, hoe gaat de staatssecretaris de dieren dan wettelijk beschermen? In het kader van duurzaamheid is het niet zo vanzelfsprekend dat we de dieren, die we nu juist willen beschermen, in grote aantallen opeten. Is de staatssecretaris ook bereid om zelf een voorbeeld te stellen in de normverschuiving die nodig is?

Interrupties bij andere partijen:

Mevrouw Lodders (VVD): De landbouw in Nederland is de meest productieve en de meest duurzame landbouw in de wereld. Naast een hoge productiviteit en efficiency is ook sprake van de minste input en de laagste uitstoot per kilogram product. De FAO heeft bijvoorbeeld berekend dat één Nederlandse koe vervangen zou moeten worden door drie koeien elders in de wereld om dezelfde melkgift te realiseren. De komende decennia verdubbelt de vraag naar voedsel. De Nederlandse landbouw zou daarom juist nog intensiever moeten dan nu al het geval is om de groeiende wereldbevolking te voeden, terwijl tegelijkertijd het milieu wordt gespaard.

(…)

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Tijdens de begrotingsbehandeling gaf mevrouw Lodders toe dat de VVD selectief leest in de rapporten over duurzaamheid. Ik ben benieuwd of men bij de VVD het rapport heeft gelezen dat Olivier de Schutter, de rapporteur inzake het recht op voedsel, heeft geschreven voor de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties.

Mevrouw Lodders (VVD): De VVD heeft in de aanloop naar dit algemeen overleg heel veel rapporten gelezen. Ik heb De Schutter nu niet aangehaald, maar er zijn meer rapporten uitgebracht. Ik noem de FAO en het LEI, dat de visie van de VVD heeft onderschreven. Het
Wereld Natuurfonds heeft recentelijk uitspraken gedaan over de intensivering van de landbouw. De VVD zal wellicht net zo selectief zijn als de Partij voor de Dieren.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Dan lijkt mij de conclusie dat de VVD-fractie het rapport niet heeft gelezen of daaruit niet wil citeren, wel op zijn plek. Ik vraag er expliciet naar omdat juist de voedselrapporteur heeft gekeken naar alle studies die zijn gedaan. Daarmee worden de volksvertegenwoordigers goed geholpen, want een onafhankelijke man met een missie heeft het uitzoekwerk al voor ons gedaan.

Mevrouw Lodders (VVD): Ik hoor geen vraag. Ik heb een aantal voorbeelden uitonderzoeken genoemd. Ik heb daaruit geciteerd en daarmee kan ik de visie van de VVD goed weergeven.