Bijdrage Ouwehand debat over de hoge prijzen van fossiele energie


6 maart 2013

Bekijk de bijdrage via debatgemist.nl

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Voorzitter. Wij hebben vanavond twee debatjes. Ik moest denken aan wat mensen op Twitter zeggen. Die willen het nog weleens hebben over de "duh van de dag" om duidelijk te maken dat je het hebt over iets wat bij iedereen allang bekend is. Ik kon niet zo goed kiezen: fossiele energie wordt steeds duurder -- ja, duh -- of kerncentrales zijn niet veilig. Dat zijn twee dingen die wij allang weten en waar wij allang iets aan hadden moeten doen.

Fossiele energie is iets van de vorige eeuw. Die is ook nooit goedkoop geweest. Alleen schuiven wij de echte prijs door naar toekomstige generaties, die het gelag moeten betalen van onze CO2-uitstoot en de uitputting van onze grondstoffen. Natuurlijk schrikken wij wakker als duidelijk wordt dat dat de verkeerde strategie is geweest. Wij moeten dus omschakelen. Echt schone energie uit wind, zon en water biedt iedere seconde meer energie dan de wereld dagelijks nodig heeft. Als wij daar slim gebruik van maken, zal duurzame energie steeds goedkoper worden.

Vanochtend had de Volkskrant mooi nieuws. Zij schreef namelijk dat de oude gevestigde maatschappijen die gebaseerd zijn op grote, fossiele centrales, geveld zijn door groene energie. Sommigen treuren daarom, maar ik vind het goed nieuws. Duurzame energie zal steeds minder afhankelijk worden van subsidies, terwijl nu nog steeds subsidies in de vorm van belastingvoordelen naar fossiele energie gaan. Daar kunnen wij mee stoppen. Daar moeten wij mee stoppen. Graag een reactie.

De energiehuishouding moet in de toekomst hernieuwbaar en zo veel mogelijk decentraal zijn. Met veilige zonnepanelen op het dak zal iedereen zijn energierekening kunnen blijven betalen. Die transitie naar schone energie moet veel sneller plaatsvinden dan op dit moment het geval is met het marginale beleid van het kabinet. Die discussie hebben wij al eerder gevoerd.

Ik heb nog een paar dingen. Een eerste stap die je moet zetten in de transitie, is de energievraag fors beperken. De minister voor Wonen en Rijksdienst zal dit voorjaar met een energiebesparingsplan komen voor de gebouwde omgeving. Dat is een mooi streven, maar hij stelde mij wel teleur bij de beantwoording van Kamervragen over energiebesparing. In Frankrijk is een wetsvoorstel aangekondigd waarmee kantoren en winkels worden verplicht om 's avonds de lichten uit te zetten. Ik heb het kabinet gevraagd welke energiebesparing het zou opleveren als wij dat in Nederland ook zouden doen. Het gaat om het energieverbruik van ongeveer 150.000 huishoudens. Dat lijkt mij de moeite waard. Primair gaat de minister voor Wonen en Rijksdienst daarover, maar ik zou deze minister ook willen vragen om het pleidooi voor die besparing een plaats te geven in de brief die daarover komt. Kan hij dat toezeggen?

Datzelfde geldt voor de discussie over het gasverbruik. Mensen vragen zich terecht af waarom er zo veel warmte de straat op wordt geblazen door winkels die hun deuren niet sluiten in de winter, terwijl mensen in Groningen met angst en beven op de aardgasbel zitten. Kunnen we dat ook niet anders regelen? Ook dat zouden wij moeten meenemen in het energiebesparingsplan.

Ik rond af met het laatste wat je zou moeten willen in de transitie naar duurzame en dus betaalbare energie: het subsidiëren van mestvergisters. Die kosten meer energie dan ze opleveren. Toch gaat het meeste geld uit het potje Stimulering Duurzame Energieproductie (SDE) daarheen. De minister moet daarmee stoppen, want het zit de omschakeling naar echt schone en goed betaalbare energie in de weg. Ik overweeg een motie in te dienen om mestvergisters uit de SDE te halen.

Beantwoording door de minister van Economische Zaken

Minister Kamp:
Mevrouw de voorzitter. Ik wil graag reageren op hetgeen de woordvoerders naar voren hebben gebracht.

(...)

Ik kom op haar derde trend: de energiebesparing. Ik hoop dat zij meegekregen heeft dat wij zeer gemotiveerd zijn om de Europese richtlijn over energiebesparing uit te voeren. Wij zullen met een plan van aanpak daarvoor komen bij de Kamer, zoals ik heb beloofd.

Mevrouw Ouwehand sprak over de uitputting van onze fossiele energie en de grondstoffen. Ik hoop dat zij gezien heeft dat je daar wat nuancering bij kunt uitspreken. Zij vindt dat de transitie veel sneller moet gaan. Met de transitie zijn wij zeer ambitieus. De heer Vos zei het al: de bedragen die wij daar insteken, zijn zeer hoog, zeker gelet op het lage niveau van investeringen dat op dit moment voor de overheid mogelijk is vanwege de financiële beperkingen. Wij zijn erg ambitieus. De Europese ambitie was al heel fors. Wij gaan daar nog een stap overheen. Wij zullen alles op alles moeten zetten om onze huidige ambitie te realiseren. Het doet echt geen recht aan de feiten als mevrouw Ouwehand zegt dat het allemaal veel sneller kan en dat het zo niks is.

De suggesties van mevrouw Ouwehand voor energiebesparing zijn nuttig. Die moeten zeker worden meegenomen in het plan van aanpak waar ik het over had. Dan zullen wij daar verder over spreken. Zij sprak over het niet meer subsidiëren van mestvergisters. Dat ben ik niet met haar eens. Zolang het toegestaan is als een van de methodieken en zolang wijzelf denken dat het een nuttige methode kan zijn, willen wij daarmee doorgaan. Bij evaluaties zal blijken of ze het nut hebben dat wij ervan verwachten.

Tweede Termijn:

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Voorzitter. Ik dank de minister voor zijn uitgebreide antwoord. Ik dien drie korte moties in.

Motie Ouwehand: pak energieverspilling door open winkeldeuren aan

Motie Ouwehand: pak onnodige verlichting van winkels en kantoren aan

Motie Ouwehand: geen SDE-subsidie voor mestvergisting meer

Minister Kamp:
Voorzitter. Er zijn enkele moties ingediend die vooruitlopen op mijn plan van aanpak om de Europese richtlijn voor energiebesparing uit te voeren. Ik denk dat dit niet nuttig is. Wij zullen met een analyse en met voorstellen komen en wij zullen dat ook vertalen in wetgeving, voor zover dat noodzakelijk is. Als de Kamer vervolgens het hele pakket ontvangt, kan zij alles tegen elkaar afwegen en conclusies trekken. Dat lijkt mij veel verstandiger dan om nu al te zeggen dat in de winter de winkeldeuren dicht moeten en de lampen in de kantoren 's avonds uit moeten. Het is goed om het als geheel af te wegen om van iedere maatregel afzonderlijk de voor- en nadelen te kunnen bezien. Ik zie het voordeel er niet van in om daar nu al op vooruit te lopen. Daarom ontraad ik de moties op stuk nr. 146, 147 en 148.

Dan kom ik bij de motie op stuk nr. 149 van mevrouw Ouwehand over mestvergistingsinstallaties. Ik ben er geen voorstander van om daar geen subsidie meer voor te verlenen. Er is een mestproblematiek en een energieambitie. Als die op een verantwoorde manier aan elkaar kunnen worden gekoppeld, lijkt mij dat een goede zaak. Er is best reden om de mestvergisting te bekijken. Dat doen we dus ook, en we zijn tot de conclusie gekomen dat het nuttig is om het beleid op dat punt voort te zetten. Zeker bij de evaluatie die te zijner tijd zal plaatsvinden, zal dat extra kritisch worden beoordeeld. Voor dit moment wil ik het bij de regelmatige beoordeling laten. Ik vind niet dat we hiermee moeten ophouden. De voordelen van deze installaties zijn, gelet op de belangen van een geordende mestverwerking en de belangen van een overgang naar duurzame energie, groter dan de nadelen. Vandaar dat ik deze motie ontraad.