Bijdrage Partij voor de Dieren Wind­tur­bines op zee


10 november 2009

Voorzitter,
De Partij voor de Dieren-fractie vindt dat alles op alles moet worden gezet om alternatieven te vinden en te stimuleren voor fossiele brandstoffen. Maar deze nieuwe energiebronnen dienen echter wel serieus getoetst te worden op duurzaamheid. Windturbines op zee kunnen een geweldige bijdrage leveren aan onze energievoorraad, maar mogen niet ten koste gaan van de natuur. Zeker niet waar de zee al enorm bedreigd is door de commerciële visserij, booractiviteiten, sonaroefeningen van het leger en alle wetenschappers de noodklok hebben geluid en stellen dat over 20 tot 30 jaar onze zeeën veranderd zullen zijn in onderwaterwoestijnen. Alleen al in Europa is 88% van de vissen bedreigd.

Voorzitter, vogels, vissen en zeezoogdieren worden bedreigd door de bouw en het gebruik van windmolenparken. We weten dat windturbines op zee kunnen zorgen voor een veilige haven voor vissen en andere zeedieren, maar tegelijkertijd stellen gerenommeerde onderzoekers dat het geluid van het heien turbines ervoor zorgt dat dieren verjaagd worden en dat met name jonge vissen en populaties van kleine vissen het zelfs niet overleven. Verder zijn er sterke bewijzen dat harde geluiden onder water fatale gevolgen voor o.a. walvissen kunnen hebben. Er is nog veel dat we niet weten over de gevolgen van geluidsoverlast voor het mariene milieu, maar we moeten er serieus rekening mee houden dat ze verwoestender kunnen zijn dan we ons nu realiseren. Wat we inmiddels zeker weten, is dat geluidsoverlast onder water een ernstige bedreiging vormt voor het leven in zee. En dat valt op geen enkele wijze te rijmen met de opwekking van duurzame energie.

Voorzitter, de bioloog dr. Slabbekoorn van de Universiteit van Leiden verklaarde op het symposium ‘Onderwatergeluid en Biologie’ afgelopen maart in Den Haag, dat sommige vissen op een afstand van een kilometer door het heien schade kunnen oplopen aan hun gehoorsysteem, waardoor ze uiteindelijk niet meer goed kunnen functioneren en doodgaan. Voor een redelijke afweging is tenminste een goede inschatting nodig hoeveel vissen er zullen sterven als gevolg van de heiactiviteiten voor dit windmolenpark. En of we de dood van die vissen als een acceptabele vorm van collateral damage beschouwen. Er wordt wel aangenomen dat vissen wegzwemmen bij heiwerkzaamheden. Maar deze aanname is nog nooit wetenschappelijk onderbouwd. Tot op 50 kilometer afstand kan het geluid van heien het gedrag van vissen beïnvloeden, zo gaf de ecologe Floor Heinis van Heinis Waterbeheer en Ecologie aan op het symposium ‘Ecologie en Windenergie op Zee’ in juni in Rotterdam. Voor zeezoogdieren worden wel verjaagtechnieken als pingers gebruikt, maar over verjaagtechnieken voor vissen is weinig tot niets bekend. Het is onbekend of vissen inderdaad door alle rumoer rond het opbouwen van een hei-installatie voldoende ver weg zwemmen om niet beschadigd te raken door het heigeluid. Over vislarven zijn deze onderzoekers duidelijker: de aanname is dat binnen 1 km van het heien alle vislarven sterven. Voorzitter, dat is een onduurzaam aspect van duurzame energie. Bovendien is het onnodig.

Want, voorzitter, heien voor windmolens is achterhaald. De alternatieven zijn er. Ballast Nedem presenteerde op het eerder genoemde symposium meerdere alternatieven voor heien. Zij hebben technieken ontwikkeld waardoor zelfs in diepe zee heien niet meer noodzakelijk is. Tot onze vreugde lazen we dat voor de aanvraag Tromp Binnen, de techniek van een ‘gravity base structure’ wordt gebruikt, waarbij niet wordt geheid. Deze techniek leidt tot een veel kleinere verstoring van het onderwaterleven dan het heien. Ook RWE bewijst dat het kan, zij geeft in haar aanvraag aan, de windmolens te kunnen verankeren met een betonnen voet. Deze methode wordt al veel langer succesvol toegepast in België en Denemarken.
Is de minister bereid om zowel bij de toekenning van de vergunning als bij de subsidieregeling de voorwaarde te stellen dat er niet geheid mag worden?

Er wordt nog te weinig aandacht besteed aan de effecten op vissen van de geluidsoverlast van de windmolens als ze eenmaal draaien en te gemakkelijk wordt geconcludeerd dat die effecten wel meevallen. Dit geluid is een stuk minder hard dan dat van het heien, maar het is er wel over een veel langere tijdsperiode. Bij een proef bij een Zweeds windmolenpark is gebleken dat vissen windmolens mijden als die in bedrijf zijn. Ook hier is nadere monitoring dringend gewenst: wat zijn de effecten van dit geluid op het gedrag van vissen en of dat niet moet leiden tot aanpassingen. Is de minister bereid een dergelijk onderzoek te doen?

Tot slot voorzitter, mijn fractie erkent het grote belang van het investeren in duurzame energie, waaronder windenergie. Maar dat moet dan wel gebeuren, en dat kan ook, op een manier die bij het aanleggen van windmolenparken op zee het dieren en natuur respecteert en niet beschadigt.


Dank u wel!