Bijdrage Thieme Initi­atief-Waalkens/Ormel (tweede termijn)


21 april 2010

Mevrouw Thieme (PvdD): Voorzitter. Ik wil ten eerste de leden Waalkens en Ormel bedanken voor hun antwoorden op de gestelde vragen vanuit de Kamer.

Mensen die hebben laten zien niet de verantwoordelijkheid te kunnen dragen voor een dier, moeten een levenslang houdverbod opgelegd kunnen krijgen. Een houdverbod, eventueel levenslang, moet als zelfstandige straf of maatregel in het Wetboek van Strafrecht worden opgenomen.

De Dierenbescherming verwoordde dit ook goed in zijn advertentie vandaag in de volkskrant, die niemand kan zijn ontgaan: het initiatiefwetsvoorstel is een stap in de goede richting, maar laten we een sprong maken door een levenslang houdverbod mogelijk te maken. Met mijn amendement wordt die mogelijkheid voor de rechter gecreëerd. De foto van de uitgehongerde hond Diesel die de Dierenbescherming bij de advertentie plaatste, spreekt boekdelen. Na maanden zonder eten en drinken opgesloten te hebben gezeten in een vrijwel leeg huis, stierf de hond Diesel een eenzame dood omdat de eigenaar op vakantie was. Wij hebben over Diesel Kamervragen gesteld aan de minister van LNV, waarbij we hebben gevraagd wat de eigenaar van Diesel ten laste zal worden gelegd, en of de minister kan aangeven hoe vaak er in de afgelopen vijf jaar een houdverbod als bijzondere voorwaarde is opgelegd, en de welke termijn daarbij dan is opgelegd. De antwoorden van minister Verburg op deze vragen, die pas vanmorgen zijn binnen gekomen, zijn teleurstellend. Een houdverbod als zelfstandige straf keurt ze af en aan cijfers kan ze ons helemaal niet helpen. De eigenaar van Diesel komt er dus waarschijnlijk van af met een boete en kan daarna gewoon het volgende dier houden, en dit is voor ons onacceptabel. En niet alleen voor ons, ook voor de 89% van de Nederlandse bevolking die vindt dat rechters dierenbeulen moeten kunnen verbieden dieren te houden.

Voorzitter, op dit moment geldt een houdverbod alleen als bijzondere voorwaarde bij een voorwaardelijke straf. Het probleem daarbij is dat een houdverbod als bijzondere voorwaarde bij een voorwaardelijke straf betekent dat het houdverbod komt te vervallen bij de tenuitvoerlegging van de hoofdstraf. Een overtreder kan er dan voor kiezen het houdverbod te overtreden, een kleine boete te betalen of een paar uur werkstraf te verrichten, en kan vervolgens doorgaan met mishandeling en verwaarlozing. In een lucratieve handelsomgeving is dat weinig afschrikwekkend. Mijn fractie vindt dat zeer onwenselijk. Het voordeel van een zelfstandig houdverbod is dat het niet afhankelijk is van de verwezenlijking van de gestelde voorwaarde.

Het houdverbod moet niet zomaar kunnen verdwijnen als zich bepaalde omstandigheden voordoen waarvan het afhankelijk is gesteld. Dat is wat mijn fractie wil voorkomen. Juist een dergelijk zelfstandig houdverbod zou met recht de benaming "dierenhoudverbod" kunnen verdienen. Het introduceren ervan zou bovendien passen bij de ambities van het regeerakkoord.

De Raad voor dieraangelegenheden in zijn rapport “Verantwoord houden” aan de minister van LNV geadviseerd, dat mensen die niet goed voor hun dieren kunnen zorgen, in het uiterste geval een permanent houdverbod moet kunnen worden opgelegd. Ik ben het helemaal met de RDA eens als ze zegt dat het recht om dieren te houden niet onvoorwaardelijk en ongelimiteerd kan plaatsvinden. Kunnen de initiatiefnemers aangeven wat ze van dit advies van de RDA vinden?
Voorzitter, naast dit amendement heb ik nog een drietal andere amendementen ingediend.

Samen met de heer Teeven dien ik een amendement in voor een houdverbod als maatregel. Wanneer het als hoofdstraf geldt en iemand wordt niet veroordeeld, kun je toch een houdverbod opleggen. Het kan namelijk gebeuren dat iemand niet wordt veroordeeld, bijvoorbeeld wegens persoonlijke omstandigheden, afwezigheid van schuld in de persoon van de dader, in een situatie van overmacht of doordat de feiten wel zijn bewezen, maar er iets bijzonders aan de hand is waardoor je niet tot die hoofdstraf komt. De rechter kan in deze situatie een houdverbod als maatregel opleggen.

Vervolgens heb ik bij de amendementen die een houdverbod als zelfstandige straf en een houdverbod als maatregel in het leven roepen, ook een amendement ingediend dat ervoor zorgt dat een houdverbod kan worden opgelegd als de dierenmishandelaar zijn eigen dieren heeft mishandeld. In het Wetboek van Strafrecht is op dit moment alleen het mishandelen van andermans dieren strafbaar gesteld (namelijk artikel 350 Sr). Dat is een omissie in het Wetboek van Strafrecht. Om dat te verhelpen wordt een extra titel aan het wetboek van strafrecht toegevoegd die ziet op misdrijven tegen dieren. Hierdoor krijgt het mishandelen van dieren in het algemeen een plaats in het wetboek van strafrecht en wordt zodoende recht gedaan aan de intrinsieke waarde van het dier.

Wanneer de mishandeling van dieren als strafbepaling wordt opgenomen in het wetboek van strafrecht, komt de bepaling inzake het beschermen van andermans dieren te vervallen, omdat de nieuwe strafbepaling in het voorgestelde amendement ziet op eigen dieren, andermans dieren en dieren zonder eigenaar.

Voorzitter, mocht een meerderheid in de Kamer mij onverhoopt niet steunen in de amendementen om een zelfstandig houdverbod te creëren, dan heb ik nog een amendement ingediend waarbij een levenslang houdverbod kan worden opgelegd voor recidivisten van dierenmishandeling. Hoewel deze variant veel minder ver gaat dan het amendement die het zelfstandige houdverbod mogelijk maakt in alle gevallen, is het in ieder geval een stap in de goede richting. En die wil ik de dieren niet onthouden.
Voorzitter, ik ben van mening dat een zelfstandig houdverbod noodzakelijk is om dierenmishandeling in te perken en om te bewerkstelligen dat dierenbeulen nooit meer de kans mogen krijgen om een ander dier leed aan te doen. Ik hoop dat de kamer er ook zo over denkt.

En voorts ben ik van mening dat er een einde moet komen aan de bio-industrie.