Bijdrage Van Esch aan WGO Water


11 november 2019

Voorzitter, dank voor het woord. Mijn eerste woorden in de commissie I&W. En laat ik maar meteen van wal steken, ik heb 4 onderwerpen vandaag: olieplatforms, vismigratie, geborgde zetels en het Waddenfonds.

Het is bizar dat Engeland een aantal boorplatforms in zee wil laten staan in plaats van de troep op te ruimen. Gelukkig heeft Nederland bezwaar aangetekend. Maar kan de minister vertellen hoe ver wij kunnen gaan om Engeland te dwingen om de platforms op te ruimen?

En kan de minister aangeven hoeveel van de bestaande platforms in aanmerking komen voor hergebruik? En welke garantie hebben we dat het hergebruik echt plaatsvind en geen excuus wordt om ontmanteling te voorkomen? En blijft de vervuiler wel betalen als een platform moet worden ontmanteld? Aangezien de gasbaten straks in het Noordzeeakkoord naar het uitkopen van vissers gaan en niet twee keer uitgegeven kunnen worden?

Dan de geborgde zetels. De Partij voor de Dieren wil af van de ondemocratische geborgde zetels in de waterschappen. D66 en 50Plus hebben hier eerder ook aandacht voor gevraagd en er is een onderzoek beloofd, maar het duurt allemaal wel lang. Kan er vaart komen in dit onderzoek?

De Partij voor de Dieren vraagt al jaren aandacht voor goede vismigratie. En het is goed te zien dat er steeds betere en slimmere vispassages komen. Maar er is een extra zetje vanuit het ministerie nodig om daadwerkelijk alle vissen zonder barrières naar hun plek van bestemming te laten zwemmen. Kan de minister daarin een rol spelen? En hoe staat het met de maatregelen om ongestoorde vismigratie mogelijk te maken? Wij zien nog altijd vissers voor het Haringvliet heen en weer varen.

Wat betreft het Waddenfonds sluit ik mij aan bij collega’s van D66 en GroenLinks. De Partij voor de Dieren heeft ook Kamervragen gesteld naar aanleiding van de zorgwekkende conclusie dat miljoenen uit het Waddenfonds verbrast zijn aan hobbyprojecten zoals een blacklight golfbaan op Terschelling. Maar ik heb hier nog wel aanvullende vragen over.

Voor dit Waddenfonds fiasco werd namelijk door natuurbeschermers in 2006 al gewaarschuwd. Wat werd gepresenteerd als een ultiem staaltje polderpolitiek, een unieke samenwerking tussen economie en natuur, is een hobbyproject voor enkele provinciebestuurders geworden. De unieke natuur in het Waddengebied is de dupe. 600 miljoen euro is verbrast zonder dat de natuur er iets aan had. Hoe heeft dit kunnen gebeuren?

De eerste fout werd gemaakt in 2006, toen de Waddennatuur in de houdgreep van gasboringen terecht kwam. Eerst het gebied verwoesten door er naar gas te boren, en vervolgens de schade zogenaamd ‘compenseren’. De tweede fatale inschattingsfout was de motie die vroeg om een 50/50 verdeling van het geld voor natuur en economie. Alsof het boren naar gas niet genoeg euro’s ten koste van de natuur opleverde, moest ook het compensatiefonds moest gebruikt worden voor economische projecten! Wat is er geworden van de doelstelling om 50 procent van het geld uit het Waddenfonds te steken in natuurprojecten?

Al in 2012 werd door de Algemene Rekenkamer gevraagd om een onafhankelijke monitoringscommissie, en in 2015 en in 2018 door anderen opnieuw. Kan de minister aangeven wanneer de monitoring eindelijk op gang gaat komen, en of zij dat proces kan versnellen? Kan zij eveneens de evaluatie van het fonds vervroegen? Ik heb begrepen dat dit pas voor 2021 gepland staat.

Verder wil ik graag weten of de minister bereid is om het overgebleven geld te oormerken voor natuurprojecten. En dan heb ik het niet over een ecologisch beleefcentrum voor toeristen, maar over echt natuurherstel. Het geld oormerken voor natuur is geen nieuw verzoek maar het nakomen van een belofte, conform de oorspronkelijke doelstelling van het fonds.

Ook wil ik graag weten van de minister welke lering zij trekt uit het Waddenfonds fiasco. Zij staat namelijk op het punt een fout uit het verleden te gaan herhalen. In de concepttekst van het Noordzeeakkoord valt te lezen dat met opbrengsten van de gaswinning op de Noordzee, de natuur kan worden beschermd en vissers kunnen worden uitgekocht. Hiermee wordt een lock-ingecreëerd voor een fossiele industrie. Worden we straks afhankelijk van de winning van fossiele brandstoffen om het zeeleven te redden? Dat kunnen we ons met het oog op de klimaat- en de natuurcrisis simpelweg niet veroorloven. Kan de minister hierop reflecteren?

En de Partij voor de Dieren wil haar verbazing uiten over de uitspraak van de minister vorige week waarin zij stelde dat de Wadden tot 2100 bestand zijn tegen klimaatverandering, zeespiegelstijging en bodemdaling. Stuitend! Waarop baseert zij dat? We hebben namelijk een motie van Raan die onderzoek laat doen naar de zeespiegelstijging in de verre toekomst. Loopt de minister al vooruit op dat onderzoek? Graag een reactie.

Tot slot. Gisteren lazen we dat de waterinname in de Maas al dagen stilligt vanwege vervuiling met landbouwgif. Kan de minister hierop reageren? En gaat zij met haar collega van LNV in overleg over de gevaren van landbouwgif voor de drinkwatervoorziening?