Bijdrage Wassenberg aan debat over het verloop van de jaar­wis­seling


5 februari 2020

Voorzitter,

De jaarwisseling zou een feest moeten zijn voor iedereen. Maar dat is het niet voor slachtoffers van vuurwerk. Elk jaar wordt er geweld gebruikt tegen politie, brandweer, hulpverleners. Volstrekt onacceptabel. Elk jaar vallen er vele honderden gewonden, het afgelopen jaar zelfs twee doden. Maar er zijn ook minder zichtbare slachtoffers van vuurwerk.

Meer dan een half miljoen longpatiënten happen met Oud en Nieuw letterlijk naar adem. Zij kunnen niet naar buiten om hun buren gelukkig nieuwjaar te wensen, maar moeten noodgedwongen binnenblijven.

Deuren en ramen afplakkend, want zelfs door de kieren dringen de hoge concentraties fijnstof naar binnen. Die concentraties kunnen op straat 60 keer zo hoog zijn als normaal.

Honden en katten zijn doodsbang voor vuurwerk. En dan maakt het niet uit of het vuurpijlen, siervuurwerk of knalvuurwerk is. Veel paarden raken in paniek en proberen te vluchten, een kwart van de paarden raakt gewond in een vluchtpoging.

Op 1 januari werden tientallen dode ganzen aangetroffen op de stranden van Texel. In paniek door vuurwerk waren ze in de Oudejaarsnacht gevlucht, raakten gedesoriënteerd, uitgeput. Een deel kwam terecht in de zee, verdronk en spoelde aan.

Het afsteken van vuurwerk is met goede reden het hele jaar door verboden. De enige uitzondering is oudjaarsavond, dan mag er 8 uur lang vuurwerk worden afgestoken. Dat is minder dan één duizendste van een jaar. En in die korte tijd moesten afgelopen jaar 1300 mensen, waaronder kinderen, worden behandeld aan verwondingen door vuurwerk. Dat heeft niets meer met een feest te maken, dat is de onveiligste nacht van het jaar.

En meer dan de helft van de gewonden valt door siervuurwerk. Bij oogletsel is dat zelfs 57%, hoorden we gisteren bij een hoorzitting. Daar komt bij dat de verwondingen die door siervuurwerk veroorzaakt worden veel ernstiger zijn dan de overige vuurwerkverwondingen.

Voorzitter, verandering is onvermijdelijk.

Het verbod op knalvuurwerk en vuurpijlen wordt nu onthaald als een verregaande maatregel. En – eerlijk is eerlijk, het is een stap in de goede richting na al die jaren van het probleem bagatelliseren. Een stap waar de Partij voor de Dieren al jaren voor pleit, maar tegelijk slechts een halve maatregel. Want het kabinet durft maar de helft van het probleem aan te pakken. De aap kwam uit de mouw toen de minister van Milieu en Wonen afgelopen vrijdag zei dat er “nog heel veel prachtig vuurwerk overblijft”.

Maar oogartsen en plastisch chirurgen zien de problemen voor de komende jaarwisseling al. Want als dat een verschuiving betekent van vuurpijlen en knalvuurwerk naar siervuurwerk, dan schieten we niks op.Dan zijn we zelfs verder van huis, want dan worden de verwondingen ernstiger. Bovendien ontploft siervuurwerk vaak op straat in plaats van hoog in de lucht; longpatiënten zullen nog steeds naar adem happen.

Veilig vuurwerk bestaat niet. Ook dat hoorden we gisteren bij de hoorzitting. Om te voorkomen dat een verbod op knalvuurwerk en vuurpijlen leidt tot een verschuiving naar een andere categorie vuurwerk die voor ernstig letsel, slachtoffers onder mensen en dieren zorgt, pleit mijn partij voor een vuurwerktotaalverbod.

Ook al omdat zo’n verbod beter is te handhaven. Dat werd gisteren nog eens bevestigd door de politie. Als alle siervuurwerk verboden wordt is dat eenvoudiger te handhaven, want hoe ziet een politieagent in het donker snel het verschil tussen een illegaal en een legaal stuk vuurwerk? Met tientallen uitzonderingen voor siervuurwerk wordt het voor hen dweilen met de kraan open.

Daarom dienen de Partij voor de Dieren en GroenLinks een wetsvoorstel in voor een totaalverbod op consumentenvuurwerk. Het is de enige manier om de jaarwisseling weer een feest voor iedereen te maken.