Inbreng PvdD SO Informele Landbouw- en Visse­rijraad


22 tot 24 september

16 september 2019

De leden van de fractie van de Partij voor de Dieren hebben nog altijd ernstige zorgen over automatische, ofwel ‘procedurele’ verlenging van pesticiden als de toelating van die pesticiden eigenlijk is verstreken. Deze zorgen zijn naar aanleiding van de laatste brief van de minister over de agenda van SCoPAFF[1] nog verder toegenomen.

Voortdurend wordt er tijdens de overleggen binnen SCoPAFF ingestemd met voorstellen van de Europese Commissie voor de procedurele verlenging van werkzame stoffen. Stoffen die mogelijk gevaarlijk zijn voor de menselijke gezondheid of voor de biodiversiteit, maar ook stoffen waarvan allang bekend is dat deze gevaarlijk zijn, worden op deze manier jarenlang op de markt gehouden zonder dat er opnieuw wordt getoetst of dit wel veilig of verantwoord is. Dit terwijl het uitvoeren van een wetenschappelijke veiligheidstoets voordat het besluit wordt genomen om de stof al dan niet toe te staan, wettelijk is voorgeschreven. Als deze toets zou zijn uitgevoerd, zou een deel van deze stoffen direct van de markt worden gehaald. Zo is de stof thiacloprid, een neonicotinoïde, nu al vier keer procedureel verlengd, terwijl afgelopen maanden bleek dat deze stof in de natuur 2500 keer schadelijker is voor onder andere waterdieren dan al bekend was.[2] Al die tijd wordt dit middel gebruikt, met alle schadelijke gevolgen van dien. Recenter nog bleek uit Canadees onderzoek dat neonicotinoïden niet alleen schadelijk zijn voor bijen, maar ook voor trekvogels.[3] Als trekvogels in deze stoffen binnenkrijgen, verliezen ze lichaamsgewicht en kracht en vertrekken later dan hun soortgenoten naar broedgebieden. Alle neonicotinoïden moeten direct van de markt, vinden de leden van de Partij voor de Dieren-fractie. Door de toelating van deze stoffen ongezien te verlengen, wordt welbewust grote schade aangebracht aan de biodiversiteit.

In 2018 riep het Europees Parlement de Europese Commissie op om te stoppen met het ongezien verlengen van (mogelijk) gevaarlijke stoffen en onmiddellijk een verbod in te stellen op stoffen die niet aan de veiligheidscriteria voldoen. Kort daarop sprak ook de Tweede Kamer zich uit tegen de procedurele verlengingen en riep de minister op om tegen voorstellen van de Europese Commissie te stemmen voor de automatische (‘procedurele’) verlenging van toelatingen van stoffen waarvan bekend is dat ze een grote bedreiging vormen voor de biodiversiteit (in het bijzonder bijen en hommels) of die kankerverwekkend, mutageen, hormoonverstorend en/of giftig voor de voortplanting zijn (aangenomen motie Ouwehand, nummer 21501-32-1176).

Ondanks deze aangenomen motie, stemt de Nederlandse delegatie nog altijd in met de procedurele verlengingen van grote aantallen gevaarlijke stoffen.

In haar brief van 11 juli schreef de minister dat zij wederom zou instemmen met een voorstel van de Europese Commissie voor de procedurele verlenging van een pakket met 29 werkzame stoffen. Met een stemverklaring zou ze zich verzetten tegen de verlenging van 1 stof in dit pakket; difenoconazool, vanwege de wens van de Kamer om azolen (middelen om schimmels te bestrijden die resistentie in de hand werken) van de markt te weren.

De Partij voor de Dieren-fractie heeft een aantal vragen en opmerkingen over deze brief van de minister en haar stemgedrag in SCoPAFF.

- Heeft de minister ook gezien dat de agenda van het SCoPAFF-overleg op 16 en 17 juli 2019 is aangemaakt op 25 juni 2019 en op die dag ook voor het laatst is gewijzigd? [4]

- Wanneer heeft het ministerie deze agenda ontvangen?

- Heeft de minister overwogen om de agenda voor het zomerreces aan de Kamer te sturen, zodat deze nog kon worden besproken? Zo ja, waarom heeft zij besloten om dit niet te doen?

- Wat heeft de minister tot nu toe bereikt met haar ‘verzet’ tegen de procedurele verlenging van gevaarlijke stoffen door na een stemverklaring alsnog in te stemmen met de verlenging? Deelt de minister de mening dat dit een puur symbolisch, compleet tandeloos signaal is als zij vervolgens alsnog instemt?

- Wat heeft de minister tot nu toe bereikt met haar pleidooi binnen SCoPAFF om niet meer over pakketten, maar apart over de procedurele verlenging van werkzame stoffen te stemmen? Welke lidstaten steunen dit pleidooi en welke niet?

Op de agenda van het betreffende SCoPAFF-overleg zagen de leden dat er naast de stof difenoconazool nog acht stoffen stonden die ofwel hormoonverstorend zijn, ofwel toxisch, persistent of bioaccumulatief. Het gaat om de stoffen: chlorotoluron, cypermethrin, diflufenican, fludioxonil, flufenacet, lenacil, nicosulfuron en triflusulfuron.

- Kan de minister bevestigen dat de stoffen chlorotoluron, triflusulfuron, lenacil en cypermethrin als hormoonverstorend moeten worden gezien? Zo ja, waarom heeft zij tegen de wens van de Kamer in, ingestemd met de verlenging van deze stoffen, zelfs zonder de minimale stemverklaring af te leggen?

- Kan de minister bevestigen dat de stoffen diflufenican, fludioxonil, flufenacet en nicosulfuron toxisch, persistent of bioaccumulatief zijn en dat procedurele verlenging zonder veiligheidstoets zeer onwenselijk is?

- Als 8 van de 29 stoffen in een pakket serieuze gevaren vormen voor de biodiversiteit of de menselijke gezondheid; vindt de minister het dan nog steeds verantwoord om in te stemmen met het procedureel verlengen van de toelating van het hele pakket?

[1] 27858-482 Brief d.d. 11-07-2019

[2] https://www.trouw.nl/duurzaamheid-natuur/dieren-zijn-in-de-vrije-natuur-mogelijk-2500-keer-gevoeliger-voor-bijengif-dan-gedacht-maar-die-ontdekking-komt-te-laat~b17253bb/

[3] https://www.trouw.nl/duurzaamheid-natuur/insecticide-schaadt-niet-alleen-de-bij-ook-de-trekvogel~bbebc927/

[4] https://ec.europa.eu/food/sites/food/files/plant/docs/sc_phyto_20190716_ppl_agenda.pdf