Paling­vangst­verbod


9 september 2009

Voorzitter. Vandaag debatteren wij over de mate waarin we een met uitsterven bedreigde diersoort mogen bejagen. Alsof er nog ruimte zou zijn voor onderhandeling over het al dan niet mogen vissen op paling. Dat is niet te rechtvaardigen en zal ook door toekomstige generaties beoordeeld worden als een grof schandaal. Alle marinebiologen, alle organisaties die staan voor het algemeen belang en het natuurbelang en alle verdragen en verordeningen die er zijn ten aanzien van verantwoord soortenbeleid wijzen dezelfde richting op: Stop met de palingvangst! Eurocommissaris Borg kan niet anders dan het plan van Nederland om 12 maanden per jaar stug door te vissen op een vissoort die net zo ernstig bedreigd is als de Panda, af te keuren. Weliswaar is het plan ook om 157 ton schieraal uit te zetten in zee, maar dit is absoluut een ontoereikende maatregel voor herstel van het palingbestand. Wetenschappers schatten dat het nog 60 tot 200 jaar duurt voordat de populatie zich heeft hersteld, maar dan wel als we NU stoppen met vissen.
Schaamteloos beweren de vissers dat de aalscholvers de problemen zouden veroorzaken voor de palingen. Terwijl de enige aalscholver die verantwoordelijk gesteld kan worden voor het uitsterven van deze bijzondere dieren, de mens is. Prachtige dieren met hun raadselachtige voortplanting, hun avontuurlijke leven tussen onze rivieren en de Sargassozee en hun gruwelijke dood in zoutbaden waarin ze levend verbranden. Opgegeven door politici die korte termijn electoraal gewin bij beroepsvissers en lekkerbekken belangrijker vinden, dan het beschermen van weerloos leven in de zee.
De Partij voor de Dieren heeft in de debatten over het aalbeheerplan steeds gepleit voor een compleet vangstverbod, in ieder geval totdat de stand volledig is hersteld. En dat kan tientallen jaren duren. Nu, eindelijk, is de minister zo ver dat ze ons gelijk moet gaan geven daarin. En nog stribbelen de collega fracties tegen, onder druk van de kleine groep boze palingvissers die de problemen van vandaag al tientallen jaren konden zien aankomen.

Dat het slecht gaat met de paling, daar zijn we het hier wel over eens. Het gaat erom dat de palingstand zich moet gaan herstellen. Dat betekent dat we de paling nu met rust moeten laten en dat we alles in het werk moeten stellen om de populatie de kans te geven weer op een gezond nivo te komen.

Laten we het even tegenover elkaar zetten: een uittrek van ruim 5.000 ton paairijpe schieraal is nodig als Nederlandse bijdrage in het herstel van de Europese palingstand. 5.000 ton als streefwaarde, zo heeft ICES bepaald, na bestudering van de drie Nederlandse deskundigenrapporten over de streefwaarde, gebruikmakend van expertise van ongeveer 40 vooraanstaande palingdeskundigen op mondiaal niveau. De huidige uittrek is 200 ton. daar zit een factor 25 tussen. Wat dan een goed plan is, is om alle vis die je hebt in je binnenwateren de mogelijkheid te geven verder te groeien (rode aal) en wanneer deze paairijp (schieraal) is uit te laten trekken. Dit kan bijvoorbeeld door paling in zee uit te zetten – zeg maar die157 ton schieraal per jaar- , maar ook door gemalen beter passeerbaar te maken – dit levert 90 ton aal per jaar op – en andere barrières te verminderen. Ook moet hard worden opgetreden tegen stropers. Hiermee komen we misschien op een uittrek van 1.000 ton, in een heel optimistisch scenario, maar dan nog komen we 4.000 ton tekort om de streefwaarde te halen. Er is dus geen enkele ruimte om paling te vissen voor consumptie. Want elke vorm van visserij brengt herstel van de palingstand in gevaar.

De oplossing is dan ook geen vangstverbod van een paar maanden per jaar, maar een compleet vangstverbod. En even voor de duidelijkheid, het gaat er dus niet om de palingstand stabiel te houden, of om iets boven de huidige stand te komen, waar de vissers op inzetten. Het gaat erom dat de stand zich herstelt willen we de paling voor uitsterven behoeden.

In tegenstelling tot de minister heeft de Partij voor de Dieren steeds duidelijkheid aan de vissers geboden, en de minister gevraagd dit ook te doen. Dat is dit jaar weer niet gelukt. Sterker nog, de publicatie van het vangstverbod heeft nu nog niet eens plaatsgevonden. Dit is niet eerlijk tegenover de vissers. De vissers hebben er recht op te weten waar ze staan, en wat hun toekomst inhoudt. Ik pleit voor een warme sanering van de hele sector, en wel meteen. Geef de vissers de kans een nieuwe toekomst op te bouwen, want een toekomst in de palingvisserij zit er de komende 80 jaar zeker niet in. Is de minister hiertoe bereid?
En voorzitter, hoe bereidwillig zijn de palingvissers om mee te denken over alternatieven voor hun bedrijf? Ik krijg de indruk dat er maar één ding is wat ze willen en dat is vissen. Stel je voor dat we allemaal zo vast willen houden aan een eens gekozen beroep. In Nederland werkt vrijwel niemand meer in de fotorolletjesindustrie of in de mijnen. De wereld is sterk aan het veranderen, we hebben te maken met een ongekende biodiversiteitscrisis, een voedselcrisis, een klimaatcrises en een financiële crisis. Allemaal ontstaan door hebzucht en korte termijn denken. Daar moeten we vanaf.
Kampioenschappen Palingroken, blijven vissen op een uitstervende soort zijn tekenen dat er nog weinig lerend vermogen is om een andere koers te varen waarin mededogen en duurzaamheid leidend zijn. Dat is onverantwoord en getuigt van grote decadentie. Wil de minister de geschiedenis in gaan als het 21e eeuwse vrouwtje van Stavoren, die geld als de belangrijkste waarde beschouwde en een diersoort op harteloze wijze liet uitsterven? Een nieuwe kniertje die zal moeten constateren dat de honger naar vis duur betaald wordt?

Minister, houdt uw rug recht. Er is geen ruimte voor gepolder en zelfregulering. Europa zal ons absoluut terugfluiten. Het is de hoogste tijd voor een nieuwe vorm van Palingoproer, niet om het palingtrekken te beschermen, maar de paling zelf. Ik wil graag een toezegging van de minister dat ze zich houdt aan het vangstverbod van drie maanden!