Maat­schap­pelijk debat over embry­o­se­lectie


De Partij voor de Dieren heeft geen principiële bezwaren tegen embryoselectie als het gaat om kinderen waarvan vaststaat dat ze jong gehandicapt zullen raken en vroeg zullen sterven. Waar de Partij voor de Dieren echter voor wil waken is de glijdende schaal die kan ontstaan wanneer zo'n risicoselectie niet meer gebaseerd is op zekerheden, maar op waarschijnlijkheden. Door uit te gaan van de kans op een ernstige afwijking of aandoening en niet van zekerheid, zal steeds meer discussie ontstaan over hoe groot die kans dan moet zijn om tot embryoselectie over te kunnen gaan. Hierdoor zullen de grenzen van wat aanvaardbaar is, steeds verder onder druk komen staan. Is de kans van 80 procent op erfelijke borstkanker voldoende reden om embryoselectie toe te staan? Moet alles wat kan ook kunnen? Waar leggen we in dat geval de grens? Mag de kans op een kind met een laag IQ, de kans op een kind dat naar gangbare maatstaven als 'niet mooi' beschouwd kan worden, de kans op een kind met een lichte handicap in alle gevallen leiden tot het uitsluiten van de geboorte van een dergelijk kind? De Partij voor de Dieren is voorstander van een uitvoerig maatschappelijke debat over deze kwestie.

Het standpunt Maatschappelijk debat over embryoselectie is onderdeel van: Methoden/behandelingen

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer