Kamer­vragen aan de ministers van Binnen­landse Zaken en Konink­rijks­re­laties en LNV over de aankoop van dolfijnen door het dolfi­narium in Curaçao


Vragen van het lid Thieme van de Partij voor de Dieren aan de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit over de aankoop van dolfijnen door het dolfinarium in Curaçao

1. Kent u het bericht ‘Dolfinarium Curaçao kocht wilde dolfijnen’ (1)?

2. Is het waar dat het Dolfinarium op Curaçao wilde dolfijnen heeft gekocht van Cuba? Zo ja, hoe verhoudt zich dit tot internationale verdragen m.b.t. de bescherming van in het wild levende zeezoogdieren waaraan het Koninkrijk der Nederlanden zich gebonden heeft?

3. Kunt u aangeven hoe de wetgeving ten aanzien van beschermde diersoorten zich verhoudt waar het de binding voor Nederland en overzeese delen van het Koninkrijk betreft?

4. Deelt u de mening dat Curaçao gehouden is namens het Nederlands Koninkrijk getekende beschermingsverdragen ten aanzien van onder meer zeezoogdieren te respecteren? Zo ja, welke consequenties zou dat moeten hebben voor de transactie van het Curaçaose Dolfinarium die in bovengenoemd bericht omschreven is? Zo neen, waarom niet?

5. Bent u bereid de Gezaghebber en Eilandsraad van Curaçao aan te spreken op de handhaving en naleving van internationale verdragen, in het bijzonder met betrekking tot genoemde transactie? Zo ja, op welke termijn en wijze? Zo neen, waarom niet?

6. Kunt u aangeven in hoeverre Nederlandse burgers betrokken zijn bij de exploitatie van dit Dolfinarium? Bent u bereid gerechtelijke stappen te ondernemen tegen betrokken Nederlanders wanneer blijkt dat door hun handelen internationale verdragen geschonden zijn? Zo ja, op welke termijn en wijze? Zo neen, waarom niet?

7. Bent u bereid binnen het Koninkrijk te bepleiten dat er meer zorg en aandacht komt voor de handhaving en naleving van de bescherming van bedreigde en/of beschermde diersoorten en het respecteren van door het Koninkrijk ondertekende internationale verdragen ter zake? Zo ja, op welke termijn en wijze? Zo neen, waarom niet?

(1) http://www.telegraaf.nl/binnenland/3011168/_Dolfinarium_kocht_wilde_dolfijnen__.html?p=10,2

Antwoorddatum: 19 feb. 2008

Vragen van het lid Thieme aan de staatssecretaris van BZK en de minister van LNV over de aankoop van wilde dolfijnen door het Dolfinarium Curaçao.

1. Kent u het bericht ‘Dolfinarium Curaçao kocht wilde dolfijnen’?
Antwoord
Ja.

2. Is het waar dat het Dolfinarium op Curaçao wilde dolfijnen heeft gekocht van Cuba? Zo ja, hoe verhoudt dit zich tot internationale verdragen met betrekking tot de bescherming van in het wild levende zeezoogdieren die het Koninkrijk der Nederlanden heeft geratificeerd?

Antwoord
De precieze feiten zijn mij niet bekend. Het gaat hier om een aangelegenheid die behoort tot de bevoegdheid van de Nederlandse Antillen. Ingevolge artikel 20 Reglement Gouverneur houdt de Gouverneur toezicht op de naleving van verdragen en doet hij terzake de nodige voordrachten aan de Koninkrijksregering. De uitleg van verdragen vindt plaats onder verantwoordelijkheid van de Koninkrijksregering. Het invoeren of houden van dolfijnen voor dolfinariums kan afhankelijk van de precieze omstandigheden in strijd zijn met het Convention on International Trade in Endangered Species of Wild Fauna and Flora (CITES) verdrag of het Specially Protected Areas and Wildlife (SPAW) protocol. Aan de Antilliaanse minister van Volksgezondheid en Sociale Ontwikkeling is door de Gouverneur om raad en bericht gevraagd over deze kwestie. Dit naar aanleiding van verschillende brieven over deze zaak door individuen en organisaties. Deze kwestie is momenteel in onderzoek.

3. Hoe verhoudt de wetgeving ten aanzien van beschermde diersoorten zich tot deze verdragen voor Nederland en de overzeese delen van het Koninkrijk?

Antwoord
De Nederlandse wetgeving ten aanzien van beschermde soorten - de bij en krachtens de Flora- en faunawet gestelde regels - strekt mede ter uitvoering van genoemde verdragen. Deze wetgeving geldt voor handelingen verricht in Nederland en niet voor handelingen in andere landen die tot het Koninkrijk behoren. Deze landen hebben op dit punt hun eigen wetgeving.

4. Deelt u de mening dat Curaçao gehouden is namens het Koninkrijk getekende beschermingsverdragen ten aanzien van onder meer zeezoogdieren te respecteren? Zo ja, welke consequenties zou dat moeten hebben voor de hierboven genoemde transactie van het Curaçaose Dolfinarium? Zo neen, waarom niet?

5. Bent u bereid de Gezaghebber en de Eilandsraad van Curaçao aan te spreken op de handhaving en naleving van internationale verdragen, in het bijzonder met betrekking tot genoemde transactie? Zo ja, op welke termijn en op welke wijze? Zo neen, waarom niet?

Antwoord (4 en 5)
Zie antwoord op vraag 2.

6. In hoeverre zijn Nederlandse burgers betrokken bij de exploitatie van dit Dolfinarium? Bent u bereid gerechtelijke stappen te nemen tegen deze Nederlanders als blijkt dat door hun handelen internationale verdragen geschonden zijn? Zo ja, op welke termijn en op welke wijze? Zo neen, waarom niet?

Antwoord
Dat is mij niet bekend. Eventueel betrokken Nederlandse burgers zijn alleen strafbaar voor zover zij de wetgeving van de Nederlandse Antillen hebben overtreden; de bevoegdheden op het vlak van rechtshandhaving liggen bij de Nederlandse Antillen.

7. Bent u bereid binnen het Koninkrijk te bepleiten dat er meer zorg en aandacht komt voor de handhaving en naleving van de bescherming van bedreigde of beschermde diersoorten en het respecteren van door het Koninkrijk ondertekende internationale verdragen ter zake? Zo ja, op welke termijn en op welke wijze? Zo neen, waarom niet?

Antwoord
Bescherming van bedreigde diersoorten is een onderwerp waarover regelmatig overleg plaatsvindt tussen Nederland en de Nederlandse Antillen.