Kamer­vragen aan de ministers van Defensie en BuZa over een door het Ameri­kaanse leger uitge­geven stripboek over homo­sek­suelen


Vragen van het lid Thieme (Partij voor de Dieren) aan de ministers van Defensie en Buitenlandse Zaken over een door het Amerikaanse leger uitgegeven stripboek over homoseksuelen

1. Kent u het bericht 'don't ask, don't tell' over een comicbook in het Amerikaanse leger waarin wordt uitgelegd hoe om te gaan met homoseksuele collega's1?

2.Acht u het acceptabel dat een militaire bondgenoot van Nederland op een dergelijke wijze aanzet tot discriminatie van homoseksuelen?

3.Kunt u aangeven of de homovijandige houding van en binnen het Amerikaanse leger op enig moment tot problemen heeft geleid voor Nederlandse homoseksuele militairen in samenwerkingsprojecten tussen Nederlandse en Amerikaanse militairen? Zo neen, waarom niet?

4. Bent u bereid van uw afkeuring blijk te geven aan uw Amerikaanse ambtsgenoot over het gebruik van dergelijke discriminerende comicbooks? Zo neen, waarom niet? Zo ja, op welke termijn en wijze?

5.Kunt u ondubbelzinnig aangeven dat Nederlandse militairen op geen enkel moment hoeven te vrezen voor door hun superieuren geïnstigeerde discriminatie en dat in voorkomende gevallen hard zal worden opgetreden tegen uitingen van discriminatie naar seksuele geaardheid binnen de Nederlandse krijgsmacht?

6. Bent u bereid Nederlandse militairen onder alle omstandigheden te beschermen tegen de kennelijk homovijandige houding onder bondgenoten?

7. Zouden vormen van discriminatie van homoseksuele militairen gevolgen kunnen hebben voor de bondgenootschapschappelijke samenwerking? Zo neen, waarom niet? Zo ja, aan welke gevolgen denkt u?

8. Deelt u de mening dat discriminatie op de werkvloer, ook binnen het leger, te allen tijde bestreden dient te worden? Zo neen, waarom niet?

1 http://www.huffingtonpost.com/2010/07/13/dont-ask-dont-tell-policy_n_644863.html

Antwoorddatum: 9 aug. 2010

Vraag 1
Kent u het bericht 'don't ask, don't tell', over een stripboek in het Amerikaanse leger waarin wordt uitgelegd hoe om te gaan met homoseksuele collega's?

Antwoord
Ja.

Vraag 2
Acht u het acceptabel dat een militaire bondgenoot van Nederland op een dergelijke wijze aanzet tot discriminatie van homoseksuelen?

Vraag 3
Kunt u aangeven of de homovijandige houding van en binnen het Amerikaanse leger op enig moment tot problemen heeft geleid voor Nederlandse homoseksuele militairen in samenwerkingsprojecten tussen Nederlandse en Amerikaanse militairen? Zo neen, waarom niet?

Vraag 4
Bent u bereid van uw afkeuring blijk te geven aan uw Amerikaanse ambtsgenoot over het gebruik van dergelijke discriminerende stripboeken? Zo neen, waarom niet? Zo ja, op welke termijn en wijze?

Antwoord vraag 2 t/m 4
Binnen de Amerikaanse strijdkrachten wordt ten aanzien van homoseksualiteit het don't ask don't tell beleid gehanteerd. Bij de behandeling van de National Defense Authorization Act for Fiscal Year 2011 is een voorstel aangenomen om dit beleid te wijzigen. Ik zal mijn Amerikaanse ambtsgenoot hierop daarom niet aanspreken. Zoals ik al geantwoord heb op de vragen van de leden Van Bommel en Van Velzen (Handelingen TK 2009-2010, Aanhangsel nr. 2198) is de samenwerking tussen de Nederlandse en Amerikaanse strijdkrachten uitstekend. Problemen in de samenwerking met Amerikaanse strijdkrachten door het Amerikaanse beleid ten aanzien van homoseksuele militairen zijn mij niet bekend.

Vraag 5
Kunt u ondubbelzinnig aangeven dat Nederlandse militairen op geen enkel moment hoeven te vrezen voor door hun superieuren geïnstigeerde discriminatie en dat in voorkomende gevallen hard zal worden opgetreden tegen uitingen van discriminatie naar seksuele geaardheid binnen de Nederlandse krijgsmacht?

Antwoord
De staatssecretaris heeft op 21 januari 2009 in het Actieplan diversiteit Defensie 2009-2010 (Kamerstuk 31700 X, nr. 80) het standpunt van Defensie over de bejegening van medewerkers met een andere seksuele geaardheid uiteengezet. In het Actieplan diversiteit Defensie staat: 'Mensen met een andere seksuele geaardheid (homoseksuelen, lesbiennes en biseksuelen) moeten zonder dat ze zich bedreigd of gediscrimineerd voelen hun werk bij Defensie kunnen doen'. In de Kamervragen over dit onderwerp is dit standpunt op 16 maart 2009 nogmaals benadrukt (Kamerstuk 31700X, nr. 95).

Vraag 6
Bent u bereid Nederlandse militairen onder alle omstandigheden te beschermen tegen de kennelijk homovijandige houding onder bondgenoten?

Antwoord
Ja.

Vraag 7
Zouden vormen van discriminatie van homoseksuele militairen gevolgen kunnen hebben voor de bondgenootschappelijke samenwerking? Zo neen, waarom niet? Zo ja, aan welke gevolgen denkt u?

Antwoord
De staatssecretaris van Defensie heeft op 17 oktober 2008 in zijn brief (Kamerstuk 27017, nr. 45) uiteengezet hoe binnen het bondgenootschap wordt omgegaan met het homo-emancipatiebeleid.

Vraag 8
Deelt u de mening dat discriminatie op de werkvloer, ook binnen het leger, te allen tijde bestreden dient te worden? Zo neen, waarom niet?

Antwoord
Ja.