Kamer­vragen aan de ministers van LNV en Justitie over de dagwaarde van dieren


Vragen van het lid Thieme (Partij voor de Dieren) aan de ministers van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en van Justitie over de dagwaarde van dieren

  1. Kent u het artikel ‘Aangereden terriër total loss verklaard’1 , waarin wordt bericht over een verzekeringsmaatschappij die de medische kosten van een hond niet wil vergoeden omdat de herstelkosten hoger zijn dan de dagwaarde van het dier?
  2. Hoe beoordeelt u deze stellingname van de betreffende verzekeringsmaatschappij? Kunt u dit toelichten?
  3. Kunt u aangeven op welke wijze de dagwaarde van een dier wordt vastgesteld en door wie?
  4. Deelt u de constatering dat bij de beslissing om dieren medisch te behandelen andere overwegingen een rol spelen dan bij de beslissing om over te gaan tot reparatie van een auto? Zo ja, welke consequenties heeft dit voor de besluitvorming bij verzekeringsmaatschappijen en voor de juridische status van dieren? Zo neen, kunt u dit toelichten?
  5. Bent u bereid dieren een eigen juridische status te geven, zodat zij niet langer als object worden behandeld? Zo ja, op welke wijze en op welke termijn? Zo neen, kunt u dit toelichten?

1 http://www.telegraaf.nl/overgeld/rubriek/verzekeringen/1920992/__Terrier_total_loss_verklaard__.html

Antwoorddatum: 15 okt. 2008

Geachte Voorzitter,

Hierbij stuur ik u mede namens de minister van Justitie de antwoorden op de vragen van het lid Thieme (PvdD) over de dagwaarde van dieren (ingezonden 17 september 2008).

  1. Kent u het artikel "Aangereden terriër total loss verklaard", waarin wordt bericht over een verzekeringsmaatschappij die de medische kosten van een hond niet wil vergoeden omdat de herstelkosten hoger zijn dan de dagwaarde van het dier?

    Ja.
  2. Hoe beoordeelt u deze stellingname van de betreffende verzekeringsmaatschappij? Kunt u dit toelichten?

    De stellingname van de verzekeringsmaatschappij, die naar mijn mening in ongelukkige bewoordingen is gesteld, is gebaseerd op de wettelijke status van een dier als zaak. Het is aan de verzekeringsmaatschappij om een afweging te maken met betrekking tot vergoeding van schade.
  3. Kunt u uiteenzetten op welke wijze de dagwaarde van een dier wordt vastgesteld en door wie?

    De dagwaarde wordt zoals gebruikelijk bepaald door vraag en aanbod voor een gelijkwaardig dier. Het bedrag wordt vastgesteld door de verzekeringsmaatschappij.
  4. Deelt u de constatering dat bij de beslissing om dieren medisch te behandelen andere overwegingen een rol spelen dan bij de beslissing om over te gaan tot reparatie van een auto? Zo ja, welke consequenties heeft dit voor de besluitvorming bij verzekeringsmaatschappijen en voor de juridische status van dieren? Zo neen, kunt u dit toelichten?

    Zoals ik in de Nota dierenwelzijn heb geschreven, ligt de verantwoordelijkheid voor het welzijn van het gehouden dier primair bij de houder. De houder draagt dus zorg voor medische behandeling van het dier. Aan deze zorgplicht heeft de houder van het dier ook voldaan. Waar het in het onderhavige geval om draait, is de vergoeding van de gemaakte kosten op grond van een wettelijke aansprakelijkheidsverzekering. Op dit onderdeel beslist de verzekeringsmaatschappij eigenstandig.
  5. Bent u bereid dieren een eigen juridische status te geven, zodat zij niet langer als object worden behandeld? Zo ja, op welke wijze en op welke termijn? Zo neen, kunt u dit toelichten?

    Een rechtssubject is drager van rechten en plichten. Anders dan voor natuurlijke- en rechtspersonen geldt voor dieren dat ze zelf niet als drager van rechten en plichten kunnen worden aangemerkt. Dieren zijn niet in staat om een eigen wil kenbaar te maken. Ze zouden rechten dus niet kunnen uitoefenen en niet aan plichten kunnen worden gehouden.

    Dat neemt niet weg dat de houder van een dier op grond van artikel 37 van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren een zorgplicht heeft: het is de houder van een dier verboden aan een dier de nodige verzorging te onthouden. In het wetsvoorstel 31389 (Wet dieren) wordt de positie van het dier als zaak met de erkenning van de intrinsieke waarde van het dier (artikel 1.3) en de algemene zorgplicht jegens dieren (artikel 1.4) nader ingevuld.


DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN
VOEDSELKWALITEIT,


G. Verburg