Kamer­vragen aan minister van Econo­mische Zaken over verze­ke­rings­maat­schappij DierenPolis


Vragen van het lid Thieme (PvdD) aan de minister van Economische Zaken over verzekeringsmaatschappij DierenPolis

  1. Bent u op de hoogte van de problemen die spelen rond de in financiële nood verkerende verzekeringsmaatschappij DierenPolis? 1)
  2. Kunt u aangeven welke eisen er gesteld worden aan een waarborgfonds voor verzekeringen als deze?
  3. Bent u bereid tot aanscherping van gestelde eisen als mocht blijken dat verzekerden in de huidige regelgeving gedupeerd zouden kunnen raken in geval van het faillissement van een verzekeraar?
  4. Bent u bereid zo nodig de vorming van een fonds te stimuleren analoog aan de stichting Garantiefonds reisgelden SGR, indien mocht blijken dat de bescherming van consumenten i,c. tekort schiet?
  5. Bent u bereid overheidsvoorlichting te geven over de rechtsbescherming en risico’s van verzekeringsconsumenten?

1) http://www.destentor.nl/economiestn/article1186363.ece

Antwoorddatum: 17 apr. 2007

Mijn ambtgenoot de Minister van Economische Zaken zond mij de vragen van het lid Thieme door met betrekking tot het faillissement van Dier en Polis. Hierbij zend ik u de beantwoording van deze vragen.

1
Bent u op de hoogte van de problemen die spelen rond de in financiële nood verkerende verzekeringsmaatschappij DierenPolis?

Ja.

2
Kunt u aangeven welke eisen er gesteld worden aan een waarborgfonds voor verzekeringen als deze?

Dier en Polis is een kleine onderlinge waarborgmaatschappij. Dergelijke onderlinge waarborgmaatschappijen mogen het bedrijf van schadeverzekeraar uitoefenen als zij voldoen aan de vereisten die zijn opgenomen in afdeling 2.1 van het Besluit Reikwijdtebepalingen Wft. Op basis van dit besluit dient een dergelijke onderneming over een verklaring van De Nederlandsche Bank (DNB) te beschikken. Het besluit verklaart een aantal bepalingen van de Wet op het financieel toezicht (Wft) met betrekking tot schadeverzekeraars van toepassing op deze onderlinge waarborgmaatschappijen. Daarnaast moeten deze onderlinge waarborgmaatschappijen voldoen aan de bepalingen van afdeling 2.1 van het Besluit Reikwijdtebepalingen Wft die op hen van toepassing zijn.
De bepalingen van de Wft die van toepassing zijn op kleine onderlinge waarborgmaatschappijen zoals Dier en Polis hebben onder meer betrekking op de deskundigheid en betrouwbaarheid van degenen die het dagelijks beleid bepalen, adequate beleidsvoering en beheerste en integere bedrijfsuitoefening. De bepalingen van het Besluit Reikwijdtebepalingen Wft hebben onder meer betrekking op de eisen die gesteld worden aan de statuten en de aard van de werkzaamheden (minder risicovolle bedrijfsactiviteiten), (maximum) aantal verzekeringsnemers en indiening van jaarverslagen bij DNB.
Overigens mag Dier en Polis gezien de faillietverklaring inmiddels niet meer als verzekeraar optreden.

3
Bent u bereid tot aanscherping van gestelde eisen als mocht blijken dat verzekerden in de huidige regelgeving gedupeerd zouden kunnen raken in geval van het faillissement van een verzekeraar?

De huidige wet- en regelgeving voor verzekeraars en onderlinge waarborgmaatschappijen geeft DNB voldoende mogelijkheden om toezicht te houden. Hoewel het toezicht van DNB er onder meer op gericht is om het risico van faillissement te beheersen, kan in een markteconomie echter niet uitgesloten worden dat ondernemingen soms failliet gaan. Aanpassing van wet- en regelgeving is niet geboden.

4
Bent u bereid zo nodig de vorming van een fonds te stimuleren analoog aan de stichting Garantiefonds reisgelden SGR, indien mocht blijken dat de bescherming van consumenten tekort schiet?
Fondsen zoals SGR hebben hoofdzakelijk tot doel om het consumentenvertrouwen te stimuleren in een bepaald product of een bepaalde dienst. Op de reisbranche wordt geen toezicht gehouden dat vergelijkbaar is met dat op verzekeraars. In een dergelijk geval is sprake van initiatieven van de markt. Dergelijke initiatieven zijn positief. Echter, omdat DNB voldoende mogelijkheden heeft om toezicht te houden, ben ik van mening dat het niet noodzakelijk is om vanuit de overheid de vorming van een dergelijk fonds te stimuleren. Overigens wordt de behoefte aan een dergelijk fonds ook niet gevoeld in de markt.

5
Bent u bereid overheidsvoorlichting te geven over de rechtsbescherming en risico’s van verzekeringsconsumenten?

De Autoriteit Financiële Markten en DNB houden toezicht op de financiële markten en lichten in dat kader consumenten voor. Ook de rechtsbescherming van consumenten en de risico’s die zij kunnen lopen zijn hierbij aan de orde.
Daarnaast heeft het ministerie van Financiën onlangs het platform CentiQ opgericht. Binnen dit platform werken partijen samen die te maken hebben met financiële beslissingen van de Nederlandse consument. CentiQ heeft tot doel de financiële kennis en vaardigheden van de consument te verbeteren en een actieve houding van de financiële consument te stimuleren. De AFM is tevens betrokken bij CentiQ. Op dit moment ben ik van mening dat niet hoeft te worden nagedacht over andere initiatieven op dit gebied.

De Minister van Financiën,

Wouter Bos