Vragen Wassenberg over het ontbreken van draagvlak voor aard­gas­winning onder het Werel­derfgoed de Waddenzee



  1. Kent u de brief van de raadsleden van S!N, een lokale samenwerking tussen D’66, PvdA en GroenLinks, over het ontbreken van draagvlak voor de aardgaswinning onder de Waddenzee?[1]
  2. Kunt u reageren op de uitspraak van de raadsleden dat “draagvlak voor de gaswinning in dit gebied volledig ontbreekt” en dat het onbegrip over de plannen “enorm” is?
  3. Waarop baseert u dat het bestuurlijk draagvlak broos is aangezien de provincie Fryslân heeft aangeven tegenstander te zijn van gaswinning onder de Waddenzee en de raadsleden aangeven dat “draagvlak voor de gaswinning in dit gebied volledig ontbreekt”?
  4. Erkent u dat er verschil is tussen deelname aan het omgevingsproces en steun voor de voorgenomen gaswinning? Herkent u het in de brief geschetste beeld dat lokale participatie slechts plaatsvind als poging om de schade beperkt te houden?
  5. Bent u het met de leden van de Partij voor de Dieren eens dat deelname aan het omgevingsproces niet gezien mag worden als instemming met de voorgenomen gaswinning? Zo nee, waarom niet?
  6. Kunt u zich voorstellen dat inwoners het gevoel hebben dat besluitvorming over de gaswinning reeds heeft plaatsgevonden, nu in het omgevingsproces voornamelijk gesproken wordt over de wijze waarop een deel van de opbrengsten kunnen terugvloeien naar de omgeving?
  7. Kunt u bevestigen dat een voorkeur voor gaswinning mét terugvloei van inkomsten in plaats van gaswinning zonder terugvloei van inkomsten niets zegt over het draagvlak voor de gaswinning zelf?
  8. Kunt u bevestigen dat het vaststellen van draagvlak niet alleen gebeurt in de stuur- en werkgroepen? Bent u bereid de omwonenden middels een enquête de expliciete vraag voor te leggen of zij gaswinning in het gebied steunen of niet? Zo nee, waarom niet?
  9. Kunt u aangeven, aangezien u in de beantwoording van de eerdere vragen stelde dat in het omgevingsproces verkend werd onder welke voorwaarden de gaswinning acceptabel zou zijn, welke randvoorwaarden opgesteld zijn? En kunt u bevestigen dat het hand aan de kraan principe een van die randvoorwaarden is?[2]
  10. Kunt u aangeven op welke locatie in het verleden het hand aan de kraan principe zijn werking bewezen heeft? Zo nee, waarom niet?
  11. Welke garantie kunt u geven dat er met het hand aan de kraan principe voldoende controle gehouden kan worden over de gaswinning en de bodemdaling?
  12. Is het juist dat ook na het terugbrengen van de gasproductie (bijvoorbeeld doormiddel van het hand aan de kraan principe) de kans op aardbevingen en bodemdalingen blijft bestaan? Zo ja, wat is dan het nut van het hand aan de kraan principe?
  13. Staat u nog altijd achter de stelling van het kabinet “dat de natuur zich weliswaar niet voor 100% laat voorspellen, maar dat eventuele afwijkende gedragingen van de natuur via het hand aan de kraan principe kunnen worden ondervangen”?[3] Zo ja, op basis waarvan?
  14. Bent u, vanwege de grote onzekerheden over de bodemeffecten en het ontbreken van draagvlak, bereid om geen toestemming te verlenen aan gaswinning onder UNESCO werelderfgoed de Waddenzee?
  15. Kunt u deze vragen beantwoorden voor het AO Mijnbouw op 27 juni?

[1] https://www.sin.frl/2019/06/brief-aan-tweede-kamerleden-over-draagvlak-gaswinning-waddenzee/

[2] https://www.partijvoordedieren.nl/vragen/vragen-wassenberg-over-het-ontbreken-van-draagvlak-voor-aardgaswinning-onder-het-werelderfgoed-de-waddenzee

[3] https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-29684-140.pdf